Hoek van Holland: verschil tussen versies
Locomotievendepot. |
Geen bewerkingssamenvatting |
||
| Regel 1: | Regel 1: | ||
Hoek van Holland | Hoek van Holland was een van de stations in Hoek van Holland. De verkorting van het station was [[Lijst van voormalige spoorwegstations in Nederland|Hld]]. | ||
= '''Geschiedenis''' = | = '''Geschiedenis''' = | ||
Met de aanleg van de [[Hoekse Lijn|spoorweg]] tussen [[Schiedam]] en Hoek van Holland, krijgt Hoek van Holland een station bij de haven. Het stationsgebouw is aan de zijde van Nieuwe Waterweg voorzien van een goederen en visitatieloods. Rondom het emplacement en stationsgebouw zijn omstreeks 1895 dienstwoningen gebouwd voor het personeel dat Hoek van Holland als standplaats kreeg. In 1925 wordt een tweede perron aangelegd. Dit perron ligt aan de sporen naar Hoek van Holland Eindpunt. In 1927 is dit perron voorzien van de overkapping die tot die tijd aanwezig was op het overslagperron van station [[Eindhoven]]. In 1935 wordt het station voorzien van bovenleiding als gevolg van de elektrificatie van de spoorlijn [[Rotterdam Centraal|Rotterdam]] - Hoek van Holland. Het gevolg van deze elektrificatie is dat het locomotievendepot per 15 mei 1935 wordt opgeheven. Het stationsgebouw wordt tegelijkertijd voorzien van een nieuwe douaneloods. In 1955 wordt aan het westelijke einde van het tweede perron uit 1927 een nieuw perron aangelegd. Dit ligt in de boog naar Hoek van Holland Strand en eindigt bij de overweg in de Harwichweg. Hiermee wordt een scheiding gemaakt tussen internationale en nationale reizigers. Het noordelijke perron krijgt een houten haltegebouw aan de westelijk zijde. In 1950 wordt een nieuw station in gebruik genomen, zodat er meer ruimte ontstaat voor de douane en reizigers naar Engeland. In 1969 wordt het haltegebouw aan de westelijke zijde vervangen door een nieuw gebouw, dat ontworpen is door architect M.W. Markenhof. Dit haltegebouw wordt op het zuidelijke perron gebouwd. Dit gebouw kreeg als naam Hoek van Holland Dorp. In het voorjaar van 1990 is dit gebouw vervangen door een nieuw stationsgebouw. Op 4 april 1990 vond de officiële opening plaats, terwijl het gebouw al op 1 april 1990 in gebruik werd genomen. Sinds is in dit gebouw de Hoekse Vishandel gevestigd. De perronkappen van het eerste en tweede perron zijn in de jaren '90 ingekort. In 20 zijn de perronoverkappingen nog een keer ingekort. | |||
Voor de beveiliging beschikte het station over in totaal seinhuizen, <ref>[https://klassiekebeveiliging.com/seinhuizenHld(klassiek).htm Hoek van Holland] Klassieke beveiliging</ref> waarmee de beveiliging volgens [[blokstelsel III]] wordt bediend. Op 27 september 1964 is de beveiliging vervangen door de [[CVL (Centrale VerkeersLeiding)]], welke vanuit Rotterdam wordt bediend. Hiermee kwam een eind aan de twee seinhuizen. | |||
* ''Post T'' | |||
Post T is gelegen in een aanbouw van het stationsgebouw en werd gebouwd in 1892 naar een ontwerp van . De post is voorzien van een bedieningstoestel van . | |||
* ''Post I'' | |||
Post I is gelegen aan het einde van het eerste perron en werd gebouwd in april 1906 naar een ontwerp van . De post is voorzien van een bedieningstoestel van Siemens & Halske. In 194 wordt het seinhuis vernield als gevolg van . In 1945 wordt een nieuw seinhuis gebouwd. In de nacht van 17 op 18 juni 1972 wordt het seinhuis gesloopt. | |||
== '''Eerste station''' == | |||
Op is de aanbesteding voor de bouw uitgeschreven, welke gewonnen werd door aannemer uit . Deze bouwde het station naar een ontwerp van . Het station bestaat uit een hoog middengebouw, geflankeerd door twee lagere zijvleugels. Het stationsgebouw staat aan de zuidzijde van de spoorlijn. Op 1 juni 1893 wordt het station geopend. | |||
== '''Tweede station''' == | |||
Vanwege het gestegen aantal reizigers wordt in 194 de opdracht tot het ontwerp van een nieuw station verstrekt aan Sybold van Ravesteyn. Het station heeft een lange gevel en is verbonden met de terminal van de veerboten naar Engeland. De bouw van dit nieuwe station begint in 1947 en wordt uitgevoerd door aannemer . Op 1950 wordt dit nieuwe station in gebruik genomen. | |||
| Regel 15: | Regel 34: | ||
== ''' | == '''Locomotievendepot''' == | ||
In 1893 wordt een locomotievendepot ingericht. Deze stond aan de westzijde van het emplacement. Er wordt een loods voor locomotieven gebouwd met een lengte van 36,6 meter en een breedte van 18 meter. De hoogte is meter. De constructie van de loods bestaat uit een houten vakwerkgeraamte, waarvan de wanden zijn opgevuld met bakstenen. In de loods liggen twee sporen. Het dak heeft houten kapspanten, met een zadeldak. Aan de oostzijde van de loods is een werkplaats en dienstlokalen over de gehele lengte. Daarnaast wordt een loods voor takken en een kolenpark ingericht. Tussen de loods en de Nieuwe Waterweg is een draaischijf met een diameter van 14,5 meter. Een jaar later is een rijtuigloods met twee sporen gebouwd naast de locomotievenloods. Voor de waterkolommen is in datzelfde jaar een watertoren gebouwd aan de rand van het emplacement. In 1900 wordt de loods verlengd tot 55 meter. De watertoren is in 1907 en 1909 verhoogd. In 1910 wordt in aanvulling op de watertoren een reservoirgebouw in gebruik genomen. In 1914 wordt de loods verbreed met een derde spoor. vanwege de grotere en sterkere locomotieven die in het depot zijn gehuisvest. In 1910 is de diameter van de draaischijf vergroot tot 15,5 meter. Ten oosten van het station wordt in 1924 een tweede, grotere draaischijf in gebruik genomen. Deze heeft een diameter van 20 meter. In 1938 wordt een nieuw kolenpark gebouwd. | |||
Na het opheffen van het depot in 1935 worden de locomotief- en rijtuigloods, oude kolenpark, waterkolommen en draaischijf gesloopt en opgeruimd. In 1934 wordt de oude draaischijf verwijderd. De locomotievenloods wordt rond 1945 gesloopt. Het kolenpark uit 1938 wordt in 1957 opgebroken. In 1961 wordt de draaischijf uit 1924 gesloopt. | Na het opheffen van het depot in 1935 worden de locomotief- en rijtuigloods, oude kolenpark, waterkolommen en draaischijf gesloopt en opgeruimd. In 1934 wordt de oude draaischijf verwijderd. De locomotievenloods wordt rond 1945 gesloopt. Het kolenpark uit 1938 wordt in 1957 opgebroken. In 1961 wordt de draaischijf uit 1924 gesloopt. | ||
| Regel 49: | Regel 69: | ||
= '''Spoorlijnen''' = | = '''Spoorlijnen''' = | ||
Het station was gelegen aan de [[Hoekse Lijn]]. | Het station was gelegen aan de [[Hoekse Lijn]] ter hoogte van kilometerpunt 22,945. | ||
| Regel 63: | Regel 83: | ||
''Internationaal'' | ''Internationaal'' | ||
In 1893 begint de Great Easter Railway een bootverbinding tussen Hoek van Holland en Harwich. Hiermee ontstaat er een nieuwe bootverbinding met Engeland. | In 1893 begint de Great Easter Railway een bootverbinding tussen Hoek van Holland en Harwich. Hiermee ontstaat er een nieuwe bootverbinding met Engeland. | ||
In 1928 wordt door de NS in samenwerking met de Deutsche Reichsbahn en Mitropa een luxueuze trein ingelegd naar Basel. Dit is de Rheingold. In Hoek van Holland biedt deze trein aansluiting op de boot uit Harwich. In 1929 gaat deze trein naar Zurich rijden. In 1939 rijdt de Rheingold zelfs naar Italië, waar Milaan het eindpunt is. | |||
Vanaf 1 augustus 1945 wordt Hoek van Holland eindpunt voor drie Britse militaire verlofgangers treinen. Vanuit hier konden de militairen overstappen op de boot naar Harwich. Voor militairen die moesten overnachten in Hoek van Holland was een loopbrug over de sporen aangelegd van de kade naar het Engelse kamp, dat in een fruitloods was gevestigd. De treinen zijn afkomstig uit Hamburg, Hannover en Berlijn. Vanaf 1945 rijden er dagelijks twee treinen vanuit Duitsland naar Hoek van Holland. Dit aantal wordt later naar beneden gebracht. Vanaf 5 oktober 1947 rijdt er een trein vanuit Salzburg naar Hoek van Holland. Deze trein, de Medloc C treinen DBA 667 en 668 rijden tot 2 oktober 1955 en staat bekend als 'witte trein'. Deze rijdt via Keulen, Mainz-Bischofsheim, Stuttgart, München en Salzburg. Deze trein bestaat uit Britse rijtuigen. De 'blauwe trein' rijdt vanuit Hamburg (via Bremen) en Hannover via Osnabrück naar Hoek van Holland. De 'rode trein' is het eerste jaar bedoeld voor officieren en rijdt ook naar Hamburg. Daarna mogen ook militairen gebruik maken van deze trein die via Essen, Bielefeld en Hannover rijdt. In mei 1960 wordt de eindbestemming Berlijn, waarbij tussen Marienborn en Berlijn functionarissen van de DDR geen controles mochten uitvoeren in de trein. De 'groene trein' heeft Hannover als eindbestemming en rijdt via Mönchengladbach, Wuppertal en Paderborn. Tot 1958 rijden er dagelijks drie treinen, waarna de frequentie verlaagd wordt tot drie maal per week als gevolg van het verkleinen van de Britse troepenmacht in Duitsland. In 1959 wordt de trein opgeheven en rijden de andere twee treinen nog maar twee keer per week. Op 26 september 1961 rijden deze treinen voor het laatst. | Vanaf 1 augustus 1945 wordt Hoek van Holland eindpunt voor drie Britse militaire verlofgangers treinen. Vanuit hier konden de militairen overstappen op de boot naar Harwich. Voor militairen die moesten overnachten in Hoek van Holland was een loopbrug over de sporen aangelegd van de kade naar het Engelse kamp, dat in een fruitloods was gevestigd. De treinen zijn afkomstig uit Hamburg, Hannover en Berlijn. Vanaf 1945 rijden er dagelijks twee militaire treinen vanuit Duitsland naar Hoek van Holland. Dit aantal wordt later naar beneden gebracht. Vanaf 5 oktober 1947 rijdt er een trein vanuit Salzburg naar Hoek van Holland. Deze trein, de Medloc C treinen DBA 667 en 668 rijden tot 2 oktober 1955 en staat bekend als 'witte trein'. Deze rijdt via Keulen, Mainz-Bischofsheim, Stuttgart, München en Salzburg. Deze trein bestaat uit Britse rijtuigen. De 'blauwe trein' rijdt vanuit Hamburg (via Bremen) en Hannover via Osnabrück naar Hoek van Holland. De 'rode trein' is het eerste jaar bedoeld voor officieren en rijdt ook naar Hamburg. Daarna mogen ook militairen gebruik maken van deze trein die via Essen, Bielefeld en Hannover rijdt. In mei 1960 wordt de eindbestemming Berlijn, waarbij tussen Marienborn en Berlijn functionarissen van de DDR geen controles mochten uitvoeren in de trein. De 'groene trein' heeft Hannover als eindbestemming en rijdt via Mönchengladbach, Wuppertal en Paderborn. Tot 1958 rijden er dagelijks drie treinen, waarna de frequentie verlaagd wordt tot drie maal per week als gevolg van het verkleinen van de Britse troepenmacht in Duitsland. In 1959 wordt de trein opgeheven en rijden de andere twee treinen nog maar twee keer per week. Op 26 september 1961 rijden deze treinen voor het laatst. | ||
Vanaf 1947 is Hoek van Holland de bestemming van de Holland-Scandinavië Express. Tussen 1950 en 1952 is Hoek van Holland opgenomen in de dienstregeling van de Orient-Express. Met ingang van 20 mei 1951 wordt Hoek van Holland de eindbestemming van de nachttreinen D 254/D 253 (Rheingold) naar Basel in plaats van Den Haag. In Hoek van Holland is er aansluiting op de dagboot naar Harwich. | Vanaf 1947 is Hoek van Holland de bestemming van de Holland-Scandinavië Express. Tussen 1950 en 1952 is Hoek van Holland opgenomen in de dienstregeling van de Orient-Express. Met ingang van 20 mei 1951 wordt Hoek van Holland de eindbestemming van de nachttreinen D 254/D 253 (Rheingold) naar Basel in plaats van Den Haag. In Hoek van Holland is er aansluiting op de dagboot naar Harwich. | ||
| Regel 84: | Regel 106: | ||
<big><big>'''Bronnen, Referenties en/of Voetnoten'''</big></big> | <big><big>'''Bronnen, Referenties en/of Voetnoten'''</big></big> | ||
* '''Een pechvogel in het Nederlands Spoorwegmuseum''' - {{Sc|H. Waldorp}} - ''Maandblad: Op de Rails, 49e Jaargang - oktober 1981 Blz: 323-326'' Uitgave: NVBS ISSN: 0030-3321'' | * '''Een pechvogel in het Nederlands Spoorwegmuseum''' - {{Sc|H. Waldorp}} - ''Maandblad: Op de Rails, 49e Jaargang - oktober 1981 Blz: 323-326'' Uitgave: NVBS ISSN: 0030-3321'' | ||
* '''Van water en treinen''' - {{Sc|P. Hartman}} - ''Maandblad: Op de Rails, 92e Jaargang - november 2024 Blz: 522-529'' Uitgave: NVBS ISSN: 0030-3321'' | |||
---- | ---- | ||
<references></references> | <references></references> | ||
Versie van 13 dec 2024 20:27
Hoek van Holland was een van de stations in Hoek van Holland. De verkorting van het station was Hld.
Geschiedenis
Met de aanleg van de spoorweg tussen Schiedam en Hoek van Holland, krijgt Hoek van Holland een station bij de haven. Het stationsgebouw is aan de zijde van Nieuwe Waterweg voorzien van een goederen en visitatieloods. Rondom het emplacement en stationsgebouw zijn omstreeks 1895 dienstwoningen gebouwd voor het personeel dat Hoek van Holland als standplaats kreeg. In 1925 wordt een tweede perron aangelegd. Dit perron ligt aan de sporen naar Hoek van Holland Eindpunt. In 1927 is dit perron voorzien van de overkapping die tot die tijd aanwezig was op het overslagperron van station Eindhoven. In 1935 wordt het station voorzien van bovenleiding als gevolg van de elektrificatie van de spoorlijn Rotterdam - Hoek van Holland. Het gevolg van deze elektrificatie is dat het locomotievendepot per 15 mei 1935 wordt opgeheven. Het stationsgebouw wordt tegelijkertijd voorzien van een nieuwe douaneloods. In 1955 wordt aan het westelijke einde van het tweede perron uit 1927 een nieuw perron aangelegd. Dit ligt in de boog naar Hoek van Holland Strand en eindigt bij de overweg in de Harwichweg. Hiermee wordt een scheiding gemaakt tussen internationale en nationale reizigers. Het noordelijke perron krijgt een houten haltegebouw aan de westelijk zijde. In 1950 wordt een nieuw station in gebruik genomen, zodat er meer ruimte ontstaat voor de douane en reizigers naar Engeland. In 1969 wordt het haltegebouw aan de westelijke zijde vervangen door een nieuw gebouw, dat ontworpen is door architect M.W. Markenhof. Dit haltegebouw wordt op het zuidelijke perron gebouwd. Dit gebouw kreeg als naam Hoek van Holland Dorp. In het voorjaar van 1990 is dit gebouw vervangen door een nieuw stationsgebouw. Op 4 april 1990 vond de officiële opening plaats, terwijl het gebouw al op 1 april 1990 in gebruik werd genomen. Sinds is in dit gebouw de Hoekse Vishandel gevestigd. De perronkappen van het eerste en tweede perron zijn in de jaren '90 ingekort. In 20 zijn de perronoverkappingen nog een keer ingekort.
Voor de beveiliging beschikte het station over in totaal seinhuizen, [1] waarmee de beveiliging volgens blokstelsel III wordt bediend. Op 27 september 1964 is de beveiliging vervangen door de CVL (Centrale VerkeersLeiding), welke vanuit Rotterdam wordt bediend. Hiermee kwam een eind aan de twee seinhuizen.
- Post T
Post T is gelegen in een aanbouw van het stationsgebouw en werd gebouwd in 1892 naar een ontwerp van . De post is voorzien van een bedieningstoestel van .
- Post I
Post I is gelegen aan het einde van het eerste perron en werd gebouwd in april 1906 naar een ontwerp van . De post is voorzien van een bedieningstoestel van Siemens & Halske. In 194 wordt het seinhuis vernield als gevolg van . In 1945 wordt een nieuw seinhuis gebouwd. In de nacht van 17 op 18 juni 1972 wordt het seinhuis gesloopt.
Eerste station
Op is de aanbesteding voor de bouw uitgeschreven, welke gewonnen werd door aannemer uit . Deze bouwde het station naar een ontwerp van . Het station bestaat uit een hoog middengebouw, geflankeerd door twee lagere zijvleugels. Het stationsgebouw staat aan de zuidzijde van de spoorlijn. Op 1 juni 1893 wordt het station geopend.
Tweede station
Vanwege het gestegen aantal reizigers wordt in 194 de opdracht tot het ontwerp van een nieuw station verstrekt aan Sybold van Ravesteyn. Het station heeft een lange gevel en is verbonden met de terminal van de veerboten naar Engeland. De bouw van dit nieuwe station begint in 1947 en wordt uitgevoerd door aannemer . Op 1950 wordt dit nieuwe station in gebruik genomen.
Laad- en losplaats
Voor het goederenverkeer werd een laad- en losplaats aangelegd met een goederenloods.
In 1899 werd in Hoek van Holland een derde spoor aangelegd. Dit spoor sloot aan op een uithaalspoor van het emplacement. Dit spoor was een paar kilometer lang en sloot aan op het emplacement van Hoek van Holland. Hier waren diverse aansluitingen naar bedrijven aangelegd. Op een van deze aansluiting vond vanaf 1907 tot aan 1967 zandvervoer plaats voor het Westland. Er was een onderbreking van aanvoer tussen 19 en 1962. Aan het dit derde spoor takte een zijspoor af naar de Maatschappij Hoek van Holland. Dit zijspoor lag ter hoogte van de halte Nieuwlandsche Polder. In een van deze gebouwen van de maatschappij was een visafslag gevestigd. In mei 1902 is de Maatschappij Hoek van Holland overgenomen door W.H. Müller & Co. In 1904 werd dit spoor verlengd tot achter de perrons van de halte Nieuwlandsche Polder. Hier buigt het spoor af naar exportslachterij Hudig en Pieters. In 1931 vervalt deze aansluiting en wordt het spoor ingekort. In 1932 wordt de veelading gesloopt. Voor de elektrificatie van de spoorlijn werd in 1934 aan het hoofdspoor een nieuwe aansluiting aangelegd ter hoogte van kilometer punt 20,6 naar het onderstation. Dit aansluitspoor lag gedeeltelijk op het voormalige derde spoor. In 1956 werd het derde spoor weer verlengd en de aansluiting naar het onderstation ging deel uitmaken van dit derde spoor. Het aansluitwissel in het hoofdspoor werd daarop verwijderd. Tegelijkertijd werden twee aansluitingen naar Synres aangelegd bij de kilometerpunten 21,0 en 21,1. Eind 1961 wordt dit spoor nog een keer verlengd en wel tot kilometer punt 19,0. Bij de Oranje Buitensluizen is een laadplaats voor zandtransport aangelegd. Dit zand wordt gebruikt bij Delflandse zeewering. Achter het onderstation wordt een kort tweede spoor aangelegd. In 1963 wordt voor het toenemende autoverkeer tussen Engeland en Nederland een losplaats voor autotreinen gebouwd. Deze eindigt tegen het stationsgebouw op een kopspoor aan de zijde van de Nieuwe Waterweg. In 1967 rijdt de laatste zandtrein en vervalt het spoor. In april 1989 vervalt het gehele derde spoor, inclusief de aansluitingen naar Synres. Op 1 januari 1987 werd het goederenstation gesloten voor wagenladingen. Er komen dat jaar nog enkele platte wagens aan met nieuwe bestelauto's voor de Britse markt.
Locomotievendepot
In 1893 wordt een locomotievendepot ingericht. Deze stond aan de westzijde van het emplacement. Er wordt een loods voor locomotieven gebouwd met een lengte van 36,6 meter en een breedte van 18 meter. De hoogte is meter. De constructie van de loods bestaat uit een houten vakwerkgeraamte, waarvan de wanden zijn opgevuld met bakstenen. In de loods liggen twee sporen. Het dak heeft houten kapspanten, met een zadeldak. Aan de oostzijde van de loods is een werkplaats en dienstlokalen over de gehele lengte. Daarnaast wordt een loods voor takken en een kolenpark ingericht. Tussen de loods en de Nieuwe Waterweg is een draaischijf met een diameter van 14,5 meter. Een jaar later is een rijtuigloods met twee sporen gebouwd naast de locomotievenloods. Voor de waterkolommen is in datzelfde jaar een watertoren gebouwd aan de rand van het emplacement. In 1900 wordt de loods verlengd tot 55 meter. De watertoren is in 1907 en 1909 verhoogd. In 1910 wordt in aanvulling op de watertoren een reservoirgebouw in gebruik genomen. In 1914 wordt de loods verbreed met een derde spoor. vanwege de grotere en sterkere locomotieven die in het depot zijn gehuisvest. In 1910 is de diameter van de draaischijf vergroot tot 15,5 meter. Ten oosten van het station wordt in 1924 een tweede, grotere draaischijf in gebruik genomen. Deze heeft een diameter van 20 meter. In 1938 wordt een nieuw kolenpark gebouwd.
Na het opheffen van het depot in 1935 worden de locomotief- en rijtuigloods, oude kolenpark, waterkolommen en draaischijf gesloopt en opgeruimd. In 1934 wordt de oude draaischijf verwijderd. De locomotievenloods wordt rond 1945 gesloopt. Het kolenpark uit 1938 wordt in 1957 opgebroken. In 1961 wordt de draaischijf uit 1924 gesloopt.
Op 15 mei 1935 wordt het depot gesloten. In het depot zijn tussen 1893 en 1935 de volgende series stoomlocomotieven in het depot gehuisvest:
- HIJSM serie 1 - 15;
- HIJSM serie 16 - 25;
- HIJSM serie 74-82, 89-98, 116-125 (NS 1000);
- HIJSM serie 126-135, 144-148, 154-159, 184-189 (NS 1100);
- HIJSM serie 350-408 (NS 1600);
- HIJSM serie 700 (NS 5500);
- NRS serie 1 - 36;
- 6000;
Mutaties
Op 21 november 1903 arriveert de 1010 vanuit het depot in Hoek van Holland.
Op februari 1905 verhuist de 1010 naar de Centrale Werkplaats in Haarlem voor schadeherstel.
Op 2 januari 1930 arriveert de 6005 vanuit het depot Amersfoort in Hoek van Holland.
De locomotieven van de serie 6000 worden na sluiting van het depot in 1935 overgeplaatst naar Dordrecht.
Locomlopen
Spoorlijnen
Het station was gelegen aan de Hoekse Lijn ter hoogte van kilometerpunt 22,945.
Dienstregeling
Nationaal
Met ingang van de dienstregeling 2007 rijden er geen boottreinen meer vanuit Amsterdam. Deze treinen worden opgeheven omdat Stena Line stopt met de snelle bootverbinding tussen Hoek van Holland en Harwich.
Per 1 april 2017 zal Hoek van Holland geen station van de NS meer zijn. De spoorlijn wordt omgebouwd tot metrolijn van de RET.
Internationaal
In 1893 begint de Great Easter Railway een bootverbinding tussen Hoek van Holland en Harwich. Hiermee ontstaat er een nieuwe bootverbinding met Engeland.
In 1928 wordt door de NS in samenwerking met de Deutsche Reichsbahn en Mitropa een luxueuze trein ingelegd naar Basel. Dit is de Rheingold. In Hoek van Holland biedt deze trein aansluiting op de boot uit Harwich. In 1929 gaat deze trein naar Zurich rijden. In 1939 rijdt de Rheingold zelfs naar Italië, waar Milaan het eindpunt is.
Vanaf 1 augustus 1945 wordt Hoek van Holland eindpunt voor drie Britse militaire verlofgangers treinen. Vanuit hier konden de militairen overstappen op de boot naar Harwich. Voor militairen die moesten overnachten in Hoek van Holland was een loopbrug over de sporen aangelegd van de kade naar het Engelse kamp, dat in een fruitloods was gevestigd. De treinen zijn afkomstig uit Hamburg, Hannover en Berlijn. Vanaf 1945 rijden er dagelijks twee militaire treinen vanuit Duitsland naar Hoek van Holland. Dit aantal wordt later naar beneden gebracht. Vanaf 5 oktober 1947 rijdt er een trein vanuit Salzburg naar Hoek van Holland. Deze trein, de Medloc C treinen DBA 667 en 668 rijden tot 2 oktober 1955 en staat bekend als 'witte trein'. Deze rijdt via Keulen, Mainz-Bischofsheim, Stuttgart, München en Salzburg. Deze trein bestaat uit Britse rijtuigen. De 'blauwe trein' rijdt vanuit Hamburg (via Bremen) en Hannover via Osnabrück naar Hoek van Holland. De 'rode trein' is het eerste jaar bedoeld voor officieren en rijdt ook naar Hamburg. Daarna mogen ook militairen gebruik maken van deze trein die via Essen, Bielefeld en Hannover rijdt. In mei 1960 wordt de eindbestemming Berlijn, waarbij tussen Marienborn en Berlijn functionarissen van de DDR geen controles mochten uitvoeren in de trein. De 'groene trein' heeft Hannover als eindbestemming en rijdt via Mönchengladbach, Wuppertal en Paderborn. Tot 1958 rijden er dagelijks drie treinen, waarna de frequentie verlaagd wordt tot drie maal per week als gevolg van het verkleinen van de Britse troepenmacht in Duitsland. In 1959 wordt de trein opgeheven en rijden de andere twee treinen nog maar twee keer per week. Op 26 september 1961 rijden deze treinen voor het laatst.
Vanaf 1947 is Hoek van Holland de bestemming van de Holland-Scandinavië Express. Tussen 1950 en 1952 is Hoek van Holland opgenomen in de dienstregeling van de Orient-Express. Met ingang van 20 mei 1951 wordt Hoek van Holland de eindbestemming van de nachttreinen D 254/D 253 (Rheingold) naar Basel in plaats van Den Haag. In Hoek van Holland is er aansluiting op de dagboot naar Harwich.
In de zomer van 1963 rijden er autoslaaptreinen naar Oostenrijk. Deze treinen rijden naar Salzburg en Villach. Met deze treinen rijden ook veel Engelse vakantiegangers, die met de boot aan zijn gekomen.
Met ingang van 27 mei 1979, de dienstregeling 1979/1980 rijdt de TEE Rheingold niet meer naar Hoek van Holland. Alleen Amsterdam wordt nog door deze trein aangedaan.
Voor het rangeerwerk met de internationale treinen is een locomotief van de serie 600 aanwezig. Deze zorgt er voor dat de aangekomen treinen worden weggesaneerd naar een verzorgingsspoor. Na het extern en intern reinigen van de trein wordt door de rangeerlocomotief de trein teruggezet langs een perron, zodat deze klaar is voor vertrek.
Op 1988 rijdt de Holland-Scandinavië Express voor het laatst.
Op 30 mei 1992 rijden de laatste internationale treinen van en naar Hoek van Holland. Op deze dag komt in de ochtend de Britannia Express aan vanuit Keulen met locomotief 1501. In de avond vertrok als laatste internationale trein de Colonia Express (Int 209) met de SSN 01 1075 naar Venlo en na locwissel naar Keulen. Op 22 mei 1993 rijdt de laatste trein naar Moskou. Om dit feit luister bij te zetten, rijdt de DB 234 deze trein van Hoek van Holland naar .
|
Bronnen, Referenties en/of Voetnoten
|
| Stations aan de Hoekse Lijn. (Cursief: voormalig station) |
|---|
|
0,0: Schiedam Centrum · 2,2: Schiedam Nieuwland · 4,1: Vlaardingen Oost · 5,6: Vlaardingen Centrum · 7,7: Vlaardingen West · 12,1: Maassluis · 13,7: Maassluis West · 16,4: Poortershaven · 19,1: De Haak · 21,4: Nieuwlandsche Polder · 23,0: Hoek van Holland · 23,9: Hoek van Holland Strand |