Spoorlijn Almelo - Salzbergen
De spoorlijn Almelo - Salzbergen is de spoorlijn tussen deze twee plaatsen en heeft een lengte van 54,5 kilometer. Tussen De Lutte en Gildehaus wordt de Nederlands-Duitse grens gepasseerd.
Geschiedenis
De Twentse textielindustrie ging vanaf het eind van de jaren 50, begin van de jaren 60 van de 19e eeuw steeds meer over op stoomkracht om de machines aan te drijven. De kolen die de stoommachines aandreven, waren afkomstig uit het Duitse Ibbenbüren. Om deze kolen in Nederland te krijgen, werd er een nieuwe spoorlijn aangelegd vanuit het Duitse Salzbergen. Deze spoorlijn werd aangelegd door de Spoorwegmaatschappij Almelo - Salzbergen. Deze maatschappij maakte gebruik van een hiaat in de Nederlandse wetgeving, omdat er in de Spoorwegwet van 1860 geen melding werd gemaakt van een traject tussen Oost Nederland en het noorden en westen van Duitsland. De overheid was wel bezig met de aanleg van Staatslijn D (Zutphen - Hengelo - Enschede), maar deze bood geen aansluiting naar Duitsland. Met deze spoorlijn zouden de belangrijke steden Almelo en Oldenzaal niet worden aangesloten op het spoor. Hierop werden de handen ineen geslagen en een aantal Twentse fabrikanten besloten om zelf een spoorlijn te bouwen. Deze fabrikanten werden aangevoerd door de Almeloer E. Dull. Deze werd gesteund door de ex minister van handel van Hannover, Von Lucken. In 1861 verkregen zijn de concessie voor de aanleg van deze spoorlijn, maar kregen het benodigde kapitaal niet bijeen. Op 3 november 1861 werd de concessie verkocht voor 50.000 gulden aan investeerders en fabrikanten uit Almelo, Borne en Hengelo. Hun spoorwegmaatschappij werd op 18 augustus 1862 opgericht na het akkoord van de deelstaat Hannover en de Haagse regering. Ook de steden Almelo en Oldenzaal waren investeerder in het plan. De totale aanleg van de spoorlijn kostte 3,3 miljoen gulden. In Salzbergen werd aansluiting geboden op het Duitse spoor van de Konigliche Hannoversche Westbahn.
Aanleg
Op 26 mei 1862 werd begonnen met de aanleg van de spoorlijn. De officiële openingshandeling vond plaats ter hoogte van de Koppelboer in Oldenzaal. De spoorlijn werd enkelsporig aangelegd. Vanwege de te verwachte groei van het vervoer werd de spoorlijn voorbereid om dubbelsporig aan te leggen. Het baanlichaam en de ondergrond werden hiervoor geschikt gemaakt. Voor de aanleg waren in totaal 70.000 dwarsliggers nodig. Het zand en grind kwam uit de omgeving van de spoorlijn. Grind was afkomstig uit Borne, Zenderen, Gildehaus en Bentheim. Voor het zand werd er bij Lonneker een zandwinning aangelegd.
Beveiliging
In najaar van 1968 wordt het traject tussen Wierden en Almelo voorzien van geautomatiseerde NX-beveiliging. Deze wordt op 24 november 1968 in gebruik genomen. De bediening van dit baanvak vindt plaats vanuit de CVL post in Hengelo. In deze post is naast het moderne CVL/NX-tableau ook een mechanisch bloktoestel geplaatst voor de nog niet gemorderniseerde trajecten. Hiermee is een groot deel van de spoorlijn tussen Amersfoort en Twente voorzien van automatische beveiliging. Op 30 maart 1969 is de NX beveiliging en het automatische blokstelsel op het traject tussen Almelo en Hengelo in gebruik genomen. Op 11 mei 1969 wordt de nieuwe NX beveiliging en het automatische blokstselsel tussen Hengelo en de grens bij de Poppel en tussen Hengelo en Enschede in gebruik worden genomen. In totaal zullen 56 overwegen worden beveiligd met een ahob (20 stuks) of een aki (36 stuks).
Wijzigingen
In het najaar van 1949 wordt begonnen om het traject Amersfoort - Enschede te elektrificeren.
Stations
Almelo
Ingebruikname
In februari 1865 reden de eerste werktreinen tussen Schuttorf en Bentheim. Op 9 juni 1865 reed de eerste locomotief Oldenzaal binnen en op 7 augustus 1865 reed de eerste trein Almelo binnen.
Dienstregeling
Op 18 oktober 1865 werd begonnen met de reizigersdienst tussen Almelo en Salzbergen. Op 16 oktober 1865 reden de eerste goederentreinen tussen beide plaatsen.
Opening
Op 2 oktober 1865 wordt de spoorlijn officieel geopend.