V100 (Shunter Tractie)

Uit Somda RailWiki
Versie door Taigagaai (overleg | bijdragen) op 13 mrt 2021 om 21:08
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Naar navigatie springenNaar zoeken springen

Voor het rijden van overbrengingsritten van materieel naar de eigen werkplaatsen in de Waalhaven, huurt Shunter Tractie twee locomotieven van het type V100 Ost van Alsthom.

Geschiedenis

Halverwege de jaren '50 wordt door de Deutsche Reichsbahn (DR) in samenwerking met de Oost-Duitse industrie een plan ontwikkeld voor het bouwen van diesellocomotieven. Er moesten zo min mogelijk types worden ontwikkeld die zo veel mogelijk waren gestandaardiseerd. Al deze types worden voorzien van een hydraulische aandrijving. Door het Berlijnse Institut für Schienenfahrzeuge worden de specificaties opgesteld waaraan de nieuwe locomotieven moeten voldoen. Met de komst van de diesellocomotieven moeten de vele stoomlocomotieven die nog in gebruik zijn, vervangen worden. Een van deze standaardtypes wordt een locomotief met een vermogen van ongeveer 1.000 pk. De inzet van deze locomotief richt zich voornamelijk op de zware rangeerdienst en het rijden van reizigers- en goederentreinen op secundaire baanvakken. Met de locomotieven moet het mogelijk zijn om met meerdere locomotieven gekoppeld te rijden voor een groter vermogen. Daarnaast moeten de locomotieven geschikt zijn voor het trek-duwbedrijf. De locomotieven worden ondergebracht in het locomotieftype V 100.

Er worden drie prototypes gebouwd door VEB Lokomotivbau "Karl Marx" in Babelsberg, in samenwerking met Institut für Schienenfahrzeuge in Berlijn en VEB Lokomotivbau-Elektrotechnische Werke (LEW) "Hans Beller" in Hennigsdorf. Door zoveel als mogelijk gebruik te maken van bestaande componenten die in de V180 zijn gebruikt, is de ontwikkeltijd van deze locomotief zeer kort. Negen maanden na het begin van het ontwikkeltraject wordt in januari 1964 de eerste locomotief, de V100 001, afgeleverd. De locomotief is in een blauwe kleurstelling gebracht. De dieselmotor van deze locomotief heeft een vermogen van bijna 900 pk. In 1965 wordt de V100 002 afgeleverd. De locomotief is voorzien van een verder ontwikkelde dieselmotor met een vermogen van 1.000 pk. Deze locomotief is roodbruin geschilderd. In 1966 wordt het derde prototype afgeleverd, de grijs-groene V100 003, als voorbereiding op de eerste serielevering van 40 locomotieven. In totaal zijn er tussen 1966 en 1978 door LEW in Hennigsdorf 869 locomotieven van dit type gebouwd. De locomotieven zijn allen bordeaux rood geschilderd. Oorspronkelijk was het plan om elke locomotief in een eigen kleur te schilderen. De eerste 173 locomotieven zijn opgenomen in de nummerserie V100.0. Zij hebben een lengte van 13,940 meter en een gewicht van 63,7 ton. In 19 ondergaat de aandrijving een aanpassing. Het schakelgedeelte voor langzaam of snel rijden kwam te vervallen. Tevens worden de locomotieven 30 centimeter langer. De nieuwe locomotieven die deze wijzigingen bij aflevering hebben ondergaan, worden genummerd in de nummerserie V100.2. De eerste locomotief uit deze serie is de V100 201. Met de invoering van de computernummering in 1970 worden de locomotieven ondergebracht in de Baureihe 110, met behoud van volgnummer.

In 1972 wordt de 110 137 voorzien van een sterkere dieselmotor met een vermogen van 1.200 pk. Na positieve resultaten tijdens proefnemingen, wordt besloten om deze sterkere dieselmotor in te bouwen bij meer locomotieven. In totaal worden 492 locomotieven door het Reichsbahnausbesserungswerk (RAW) in Stendal voorzien van deze dieselmotor. Tegelijkertijd worden de locomotieven vernummerd in de Baureihe 112, wederom met behoud van het volgnummer. Omdat er behoefte bestond aan nog sterkere locomotieven, worden door het RAW in Stendal in 1978 de 110 203 voorzien van een dieselmotor met een vermogen van 1.400 pk, welke in de daaropvolgende jaren wordt verhoogd tot 1.500 pk. Tussen 1983 en 1990 wordt deze dieselmotor, die inmiddels een vermogen heeft van 1.500 pk, ingebouwd in 65 locomotieven. Deze locomotieven worden opgenomen in de Baureihe 115. Al snel wordt dit gewijzigd naar de Baureihe 114, omdat de Baureihe 115 is gereserveerd voor nieuwe locomotieven. Daarnaast zijn een tweetal locomotieven verbouwd voor de zware rangeerdienst. Zij worden voorzien van een andere aandrijving. Om deze locomotieven te onderscheiden worden zij genummerd in de Baureihe 108.

Na de samenvoeging van de materieelparken van de Deutsche Reichsbahn en Deutsche Bundesbahn worden de locomotieven opgenomen in de Baureihe 2XX, zoals in West Duitsland gebruikelijk was voor diesellocomotieven. De Baureihe 1XX was bestemd voor de elektrische locomotieven. De locomotieven van de Baureihe 110 worden genummerd in de Baureihe 201, de locomotieven van de Baureihe 112 worden genummerd in de Baureihe 202, locomotieven van de Baureihe 114 worden genummerd in de Baureihe 204. Al snel werd de inzet van de locomotieven steeds minder, zodat er besloten wordt om locomotieven af te voeren. Als eerste worden de locomotieven afgevoerd die niet van een nieuwe dieselmotor zijn voorzien. De laatste locomotieven van de Baureihe 201 zijn aan het eind van 1997, begin 1998 afgevoerd. In 1995 begint de afvoer van de locomotieven van de Baureihe 202. In 2001 zijn de laatste locomotieven van deze Baureihe afgevoerd, zodat alleen nog de locomotieven van de Baureihe 204 actief zijn. Deze locomotiefserie doet tot dienst bij de DB.

In 200 wordt begonnen om een afgevoerde locomotief te verbouwen voor het nieuwe concept BR 203.1. De verbouwing vindt plaats door het RAW in Stendal. Op 23 september 2002 wordt de voormalige 202 850 gepresenteerd tijdens Inno Trans 2002 in Berlijn. In november 2002 wordt de locomotief overgenomen door Alstom. De locomotief wordt verhuurd aan diverse vervoerders om ervaringen mee op te doen.


Locomotieven bij Shunter

203 101

Op 19 augustus 1976 wordt de 110 850-5 geleverd aan de DR en kwam op 24 augustus 1976 in dienst. Na renovatie en inbouw van een dieselmotor met 1.200 pk wordt de locomotief op 14 januari 1988 afgeleverd als 112 850-3. Na samenvoeging van de locomotiefparken van de DB en DR krijgt de locomotief het nummer 202 850-4. Op 12 april 1997 wordt de locomotief terzijde gesteld en op 28 februari 1998 wordt de locomotief afgevoerd en in Stendal geplaatst. Deze locomotief wordt uitverkoren om proeflocomotief te zijn voor het concept BR 203.1 en staat zo in 2002 op Inno Trans in Berlijn. Op 1 november 2002 wordt de locomotief overgenomen door Alstom. In mei 2003 is de locomotief te zien tijdens Transport Logistic 2003 in München. Op 15 juli 2003 komt de locomotief in dienst als 203.101 bij TLG (Transport und Logistik AG). Hier blijft de locomotief tot december 2003. De locomotief wordt tussen februari 2004 en april 2004 verhuurd aan de NEG (Norddeutsche Eisenbahngesellschaft mbH). Al vrij snel huurt EBM Cargo GmbH de locomotief van Alstom en wel van april 2004 tot juni 2004. Op 20 september 2004 in Berlijn is de locomotief te zien op "InnoTrans 2004". Tussen november 2004 en 18 juli 2005 huurde Volker Stevin Rail & Traffic Materieel de locomotief. Hiermee kwam de locomotief voor het eerst in het buitenland. Door Volker Stevin Rail wordt de locomotief voor een aantal dagen uitgeleend aan TXL Logistic AG en wel tussen 4 en 8 januari 2005. Nadat Volker Stevin Rail de huur opzegt van de locomotief, gaat de locomotief meteen in de verhuur bij Spitzke Spoorbouw. Zij maken gebruik van de locomotief tot 27 januari 2006. Aansluitend wordt de locomotief door RRF gebruikt en wel tot december 2006. Vanaf 15 februari 2007 huurt de NbE (Nordbayerische Eisenbahngesellschaft mbH) de locomotief. Door de NbE wordt de locomotief doorverhuurd aan Railion Deutschland AG tussen 19 februari 2007 en 17 juli 2007. In juli 2007 is de locomotief bij ALSTOM voorzien van ETCS. Vanaf 1 november 2007 wordt de locomotief verhuurd aan Shunter Tractie met nummer 203 101.

203 102

Op 29 maart 1971 wordt de 110 341-5 geleverd aan de DR en kwam op 2 april 1976 in dienst. Na renovatie en inbouw van een dieselmotor met 1.200 pk wordt de locomotief op 25 mei 1985 afgeleverd als 112 341-3. Na samenvoeging van de locomotiefparken van de DB en DR krijgt de locomotief het nummer 202 341-4. Op 5 september 1998 wordt de locomotief terzijde gesteld en op 30 september 1998 wordt de locomotief afgevoerd en in Stendal geplaatst. Op 1 november 2002 wordt de locomotief overgenomen door Alstom en wordt verbouwd volgens het BR 203.1 concept. In april 2006 komt de locomotief in dienst als 203.102. Vanaf 22 april 2006 wordt met de locomotief testritten gereden op de HSL-Zuid tussen Antwerpen en Amsterdam. Deze proefritten duren tot 2 mei 2006. Vanaf 2 mei 2006 tot 22 mei 2006 is de locomotief verhuurd aan ERS Railways. De locomotief werd opnieuw verhuurd aan ProRail en wel van 12 juni 2006 tot en met 12 maart 2007. Aansluitend gaat de locomotief naar RRF, waar de locomotief tot 16 juli 2007 blijft. De locomotief keert in juli 2007 terug naar Alstom in Stendal voor inbouw van ETCS. Deze werkzaamheden zijn eind augustus 2007 gereed. Van 28 augustus tot 31 augustus 2007 wordt de locomotief gehuurd door ITL Benelux. Vanaf 1 januari 2008 wordt de locomotief verhuurd aan Shunter Tractie met nummer 203 102.


Technische gegevens

De locomotieven hebben een lengte van 14,24 meter en een gewicht van 64 ton. Dit geeft een aslast van 16 ton. De asindeling van de locomotief is B'B'. Bij aflevering aan Nederland zijn de locomotieven voorzien van een motor, type . De motor is voorzien van cilinders en heeft een vermogen van kW ( pk). De compressor is afkomstig van , type . In de draaistellen zitten tractiemotoren van. De locomotief is hiermee in staat om een maximumsnelheid van 100 kilometer per uur te bereiken.


Uitvoering

Bodemplaat met middencabine.

De locomotieven beschikken over ATB, ETCS en PZB als treinbeïnvloedingssysteem.


Inzet

De locomotieven kennen geen vaste inzet.

In 2020 zijn beide locomotieven langdurig verhuurd aan de RTB. De 203 101 is in Pernis gestationeerd om containertreinen naar de Combi Terminal Twente te duwen. De 203 102 wordt in Blerick gestationeerd om de containertreinen van en naar de containerterminal van TCT over te brengen.


Revisie

Bijzondere uitvoeringen

Wijzigingen

Vernummeringen

Schadegevallen

Afvoer

Afleverdata

Nummer Shunter Rail Nummer DB Aflevering In dienst In revisie Uit revisie Ter zijde Sloop (rit)
Afleverdata
203 101 202 850-4 1 november 2007 1 november 2007
203 102 202 341-4 1 januari 2008 1 januari 2008


Bronnen

DR-locomotieven serie V100 - R. Kiès - Maandblad: Op de Rails, 70e Jaargang - 2002 Blz: 371-374 Uitgave: NVBS ISSN: 0030-3321