ZHESM-materieel: verschil tussen versies

Uit Somda RailWiki
Naar navigatie springenNaar zoeken springen
(Gebruik als noodwonng.)
 
Regel 736: Regel 736:
 
''B 61''
 
''B 61''
  
In juni 1992 werd door een treinkenner in het Oost Duitse Geestgottberg een voormalig ZHESM rijtuig ontdekt. Het rijtuig was als laatste gebruikt voor wegonderhoud. Het rijtuig heeft hierbij het nummer 60 55 99-54 668-7 gekregen. Het rijtuig is geheel ontdaan van interieur en tractie installatie. De grote ramen zijn vervangen door kleinere exemplaren. Het Spoorwegmuseum werd op de hoogte gesteld van de vondst. In april 1993 wordt het rijtuig door het museum gekocht. Op hun verzoek werd het rijtuig niet gesloopt en naar de firma Malowa in Klostermansfeld overgebracht in afwachting van transport naar Nederland. Door het museum worden ook draaistellen naar Duitsland overgebracht om het transport mogelijk te maken. Het is de bedoeling het rijtuig op te knappen en als bijwagen te combineren met het rijtuig BC 6. Door de hoge kosten van het transport en de staat van het rijtuig gaat dit plan echter niet door. In 1993 is het rijtuig overgebracht naar Helbra, op het emplacement van een gesloten kolenmijn. In 200 besluit het Spoorwegmuseum het rijtuig niet terug naar Nederland te halen. Het rijtuig voegt niets toe aan de collectie, omdat de nagenoeg identieke BC 6 ook in de collectie is opgenomen. De kans bestaat dat het rijtuig alsnog naar Nederland wordt overgebracht. In maart 2016 wordt bekend dat het rijtuig mogelijk een rol kan spelen bij het project om het station Rotterdam Hofplein weer gedeeltelijk in oude luister te herstellen. Een andere optie is dat het rijtuig elders op het viaduct wordt geplaatst. In het kader van dit project is het rijtuig in juni 2015 geïnspecteerd. Hierbij bleek dat de constructie (ijzeren onderstel en houten skelet) van het rijtuig nog in goede staat is. Het interieur zal geheel opnieuw gebouwd moeten worden. Bij een terugkeer in Nederland zal het rijtuig worden teruggebracht zoals het in 1926 is afgeleverd na de inbouw van een bagageafdeling. Deze werkzaamheden zullen uitgevoerd gaan worden op de Keilewerf. De Stichting Hofpleintrein Rotterdam sluit een langdurige bruikleen overeenkomst met het Spoorwegmuseum om het rijtuig voor dit project te mogen gebruiken. De stichting is verantwoordelijk voor de kosten om het rijtuig terug te halen. Deze bedragen € 16.500. Op 2 maart 2018 wordt bekend dat er voldoende geld is opgehaald om het rijtuig naar Rotterdam te halen. Het is de bedoeling om het rijtuig in het voorjaar van 2018 naar Rotterdam over te laten brengen. Deze planning wordt helaas niet gehaald. In het najaar van 2018 wordt bekend dat er voldoende geld is opgehaald om het rijtuig naar Nederland te halen. Op 5 oktober 2018 wordt er door het Spoorwegmuseum en de Stichting Hofpleintrein een bruikleenovereenkomst getekend. Het rijtuig is op 5 september 2018 uit Helbra weggehaald en naar  overgebracht in afwachting van transport naar Nederland. Het rijtuig zal bij de SSN in Rotterdam worden opgeknapt.  
+
In juni 1992 werd door een treinkenner in het Oost Duitse Geestgottberg een voormalig ZHESM rijtuig ontdekt. Het rijtuig was als laatste gebruikt voor wegonderhoud. Het rijtuig heeft hierbij het nummer 60 55 99-54 668-7 gekregen. Het rijtuig is geheel ontdaan van interieur en tractie installatie. De grote ramen zijn vervangen door kleinere exemplaren. Het Spoorwegmuseum werd op de hoogte gesteld van de vondst. In april 1993 wordt het rijtuig door het museum gekocht. Op hun verzoek werd het rijtuig niet gesloopt en naar de firma Malowa in Klostermansfeld overgebracht in afwachting van transport naar Nederland. Door het museum worden ook draaistellen naar Duitsland overgebracht om het transport mogelijk te maken. Het is de bedoeling het rijtuig op te knappen en als bijwagen te combineren met het rijtuig BC 6. Door de hoge kosten van het transport en de staat van het rijtuig gaat dit plan echter niet door. In 1993 is het rijtuig overgebracht naar Helbra, op het emplacement van een gesloten kolenmijn. In 200 besluit het Spoorwegmuseum het rijtuig niet terug naar Nederland te halen. Het rijtuig voegt niets toe aan de collectie, omdat de nagenoeg identieke BC 6 ook in de collectie is opgenomen. De kans bestaat dat het rijtuig alsnog naar Nederland wordt overgebracht. In maart 2016 wordt bekend dat het rijtuig mogelijk een rol kan spelen bij het project om het station Rotterdam Hofplein weer gedeeltelijk in oude luister te herstellen. Een andere optie is dat het rijtuig elders op het viaduct wordt geplaatst. In het kader van dit project is het rijtuig in juni 2015 geïnspecteerd. Hierbij bleek dat de constructie (ijzeren onderstel en houten skelet) van het rijtuig nog in goede staat is. Het interieur zal geheel opnieuw gebouwd moeten worden. Bij een terugkeer in Nederland zal het rijtuig worden teruggebracht zoals het in 1926 is afgeleverd na de inbouw van een bagageafdeling. Deze werkzaamheden zullen uitgevoerd gaan worden op de Keilewerf. De Stichting Hofpleintrein Rotterdam sluit een langdurige bruikleen overeenkomst met het Spoorwegmuseum om het rijtuig voor dit project te mogen gebruiken. De stichting is verantwoordelijk voor de kosten om het rijtuig terug te halen. Deze bedragen € 16.500. Op 2 maart 2018 wordt bekend dat er voldoende geld is opgehaald om het rijtuig naar Rotterdam te halen. Het is de bedoeling om het rijtuig in het voorjaar van 2018 naar Rotterdam over te laten brengen. Deze planning wordt helaas niet gehaald. In het najaar van 2018 wordt bekend dat er voldoende geld is opgehaald om het rijtuig naar Nederland te halen. Op 5 oktober 2018 wordt er door het Spoorwegmuseum en de Stichting Hofpleintrein een bruikleenovereenkomst getekend. Het rijtuig is op 5 september 2018 uit Helbra weggehaald en naar  overgebracht in afwachting van transport naar Nederland. Het rijtuig zal bij de SSN in Rotterdam worden opgeknapt. Op 21 juni 2019 zal het motorrijtuig in Rotterdam arriveren.
  
  

Huidige versie van 10 jun 2019 om 12:06

In 1908 reed in Nederland de eerste elektrische trein van Rotterdam Hofplein naar Den Haag Hollands Spoor via Pijnacker.

Geschiedenis

Op 4 januari 1900 werd de Zuid-Hollandsche Electrische Spoorweg-Maatschappij (ZHESM) opgericht. Dit was de eerste spoorwegmaatschappij die met elektrische treinen de diensten gaat exploiteren. Zij hebben hiervoor de trajecten Den Haag Hollands Spoor - Scheveningen en Den Haag Loolaan - Rotterdam Hofplein via Pijnacker geopend, de Hofpleinlijn. Het eerste traject werd op 1 mei 1907 geopend en geëxploiteerd met stoomtractie. Op 1 oktober 1908 vond de opening plaats van het tweede traject. Dit traject werd geëlektrificeerd met 10.000 volt eenfase wisselstroom met een frequentie van 25 hertz. De centrale voor de opwekking van de elektriciteit bevond zich in Leidschendam. Het eerste rijtuig, de BC 1, werd in januari 1908 afgeleverd. De rijtuigen BC 2 - BC 10 volgden in februari en maart van 1908. Per 1 oktober 1908 ging tevens de exploitatie over naar de HSM en op 1 januari 1923 werd de ZHESM opgenomen in de HSM. Door het succes van de nieuwe rijtuigen en de stroom mensen die het aantrok, werden in 1911 twee mBC rijtuigen besteld en in 1914 werden twee mB rijtuigen bijbesteld. Dit bleek nog niet voldoende om alle reizigers te kunnen vervoeren, zodat vanaf 1912 materieel van de HSM werd gehuurd. In de periode 1912 - 1944 in totaal 8 rijtuigen uit de serie 1100, de latere NS serie BC 8000, gehuurd. Dit waren vier-assige rijtuigen die geschikt waren voor diensten achter stoomlocomotieven en reden tussen Amsterdam en Zandvoort. Deze rijtuigen zijn donkergroen geschilderd en kregen daarom de naam "Groene Zandvoorters".

De rijtuigen werden door J.J. Beijnes in Haarlem gebouwd en waren afgeleid van een Amerikaans ontwerp. De motoren en elektrische uitrusting werden geleverd door het Duitse Siemens-Schuckert Werke. De motoren gaven veel problemen door oververhitting, omdat de weerstandswikkelingen niet bestand waren tegen het vele in- en uitschakelen bij de haltes onderweg. Als remedie hierop werden stationnementen ingevoerd van 20 minuten in Den Haag om de motoren te laten afkoelen. Dit kost de ZHESM wel een extra treinstel dan voorzien. De rijtuigen hadden een luxueuze uitstraling. De motorrijtuigen konden in treinschakeling rijden en waren daartoe uitgerust met stuurstroomkabels.


Technische gegevens

De rijtuigen hebben een lengte van 18,6 meter. De motorrijtuigen hebben een gewicht variërend van tot ton. De tussenrijtuigen hebben een gewicht van ton. De motorrijtuigen zijn elk voorzien van twee tractiemotoren. De motoren van Siemens-Schuckert Werke zijn van het type . Zij leveren per stuk een vermogen van 132 kW (180 pk) met omwentelingen per minuut. In totaal heeft een motorrijtuig de beschikking over 264 kW (360 pk). De motoren zijn opgehangen volgens de tramophanging. Hierbij rust de tractiemotor aan een zijde met rollagers op de as. De motoras wordt aangedreven door een rondsel dat in een vast tandwiel op de wielas grijpt. De motoren worden maximaal gevoed met 337,5 Volt. De rijtuigen mB 9013 en mB 9014 krijgen bij hun ombouw naar 1.500 Volt tractiemotoren van Siemens-Schuckert Werke, type . Deze motoren leveren een vermogen van 165 kW (225 pk) per stuk. Hiermee hebben de rijtuigen een totaal vermogen van 660 kW (900 pk). Deze motoren zijn uitgevoerd met rollagers in plaats van de gebruikelijke glijlagers.

De rijtuigen zijn ontworpen voor een snelheid van kilometer per uur. In de normale treindienst zal een snelheid van 90 kilometer per uur worden aangehouden. Afhankelijk van het soort rijtuig, beschikt een rijtuig over 32 tot 88 zitplaatsen. Onder de motorrijtuigen is een compressor opgenomen. Deze kan liter lucht per minuut leveren. Deze lucht wordt gebruikt voor de luchtdrukrem en diverse elektro-pneumatische apparatuur. De asindeling van de motorrijtuigen is Bo'2'. De tussenrijtuigen hebben als asindeling 2'2'.


Uitvoering

De rijtuigen zijn opgebouwd uit een ijzeren frame. Op dit frame is een houten bak geplaatst, met metalen buitenwanden. Voor de stijfheid is het onderstel voorzien van een vloer. Het onderstel vormde een aparte constructie ten opzichte van de bak opbouw. Het dak is van hout en voorzien van een lichtkap. De motorrijtuigen zijn aan beide zijden voorzien van een cabine met stuurstand. De inrichting van de cabine is afgeleid van de elektrische trams die op dat moment waren afgeleverd. De tussenrijtuigen hebben aan de uiteinden een balkon, vanwaar uit over het spoor kon worden uitgekeken. De vloer werd afgedekt met , waar bovenop was gelegd, terwijl de onderzijde werd voorzien van geluiddempende . Aan de buitenzijde is het mogelijk door middel van koersborden aan de buitenzijde onder de ramen de bestemming en route aan te geven. De bufferbalken zijn voorzien van normaal stoot- en trekwerk. Op de bufferbalk zijn ook de stuurstroomkabels aangebracht, zodat alle rijtuigen aan elkaar gekoppeld kunnen worden en de commando’s vanaf de voorste cabine kan worden doorgegeven naar achterop lopende motorrijtuigen. De stroomafnemers zijn afgeleid van tram stroomafnemers, met een sleper die in de rijrichting mee omklapt.

De besturing geschiedde

De rijtuigen waren zijn voorzien van open afdelingen in het interieur. Deze werden gescheiden door middel van tussenschotten met schuifdeuren. Op deze manier ontstonden compartimenten met vier plaatsen. In het interieur is gebruik gemaakt van djatihout voor de zichtbare, blanke panelen. Het paneelwerk is bekleed. Voor de verlichting wordt gebruik gemaakt van gloeilampen. Deze worden afgeschermd met lichtschermen. In het interieur werden Jugendstil motieven aangebracht. De rijtuigen zijn voorzien van verwarmingselementen die onder de banken zijn geplaatst. Deze zijn aangesloten op de leiding. In de derde klasse zijn houten banken te vinden, in de opstelling in de breedterichting. In de tweede klas zijn de banken bekleed met , in de opstelling in de breedterichting. De deuren waren geplaatst aan de kopeinden. Dit waren vanaf de aflevering dubbele klapdeuren van mahoniehout. Vanaf 19 werden dit enkele klapdeuren.

De rijtuigen zijn in het olijfgroen/crème afgeleverd met een belijning in Jugendstil motief. De rijtuigen zijn na 192 geschilderd in een donkergroene kleur, omdat de lichte kleur nogal snel vervuilde. Onder het tweede raam van het uiteinde is de klasse aanduiding aangebracht. Het rijtuignummer is aangebracht boven de zijramen van de cabine.

De draaistellen waren van het Pruisische type Görlitz. De aspotten zijn voorzien van glijlagers. De draaistelcode van de draaistellen is . Na de ombouw voor 1.500 Volt krijgen de motorrijtuigen nieuwe draaistellen, type M. Voor de beremming zijn de rijtuigen voorzien van een éénleidingrem met Knorr remkraan. Tevens is op een balkon een handrem aanwezig.


BC 1 - BC 11


B 51 - B 62


C 101 - C 109


Inzet

Op 1 oktober 1908 werden de eerste rijtuigen ingezet tussen Rotterdam Hofplein en Den Haag Hollands Spoor. De inzet ging niet zonder slag of staat en diverse kinderziekten speelden de treinen parten. Uiteindelijk lukt het de ZHESM om de problemen met de motoren en de isolatoren van de bovenleiding te overwinnen en wordt de treindienst een betrouwbare verbinding. Met ingang van 1 mei 1909 werd het lijnennet uitgebreid met de lijn Den Haag Hollands Spoor - Scheveningen Kurhaus. Omdat het een nieuwe manier van treinreizen is, trekt de verbinding veel mensen die graag eens met de trein willen reizen. De vanwege de drukte ingelegde stoomtreinen reden veelal leeg op deze verbinding.

In 1927 worden drie tweerijtuigstammen geformeerd, bestaande uit een mBD en een Ces. Deze doen dienst tussen Den Haag Hollands Spoor en Scheveningen. In 1928 worden twee van deze stammen verlengd tot drierijtuigstammen door het toevoegen van een mBC rijtuig.

Begin jaren '30 wordt de maximumsnelheid verlaagd tot 80 kilometer per uur, gezien hun houten bakconstructie. Bij een ongeluk kan deze verbrijzelen, met veel slachtoffers als gevolg.

Het materieel deed dienst op de Hofpleinlijn tot aan de Spoorwegstaking in september 1944. De laatste jaren gingen wel met moeite, als gevolg van slijtage en de moeilijke verkrijgbaarheid van onderdelen. Veel rijtuigen werden naar Duitsland overgebracht om daar dienst te doen. Na de oorlog kwamen enkele rijtuigen terug, soms in desolate toestand. Andere rijtuigen zijn niet meer terug gevonden en afgevoerd. Er was in 1945 nog maar 1 rijtuig rijvaardig en dat was de mBC 9911. Van 1 januari 1946 tot en met juli 1946 waren alleen de mBC 9911 en Ces 8043 beschikbaar voor de diensten van het voormalige ZHESM materieel op de deels herstelde Hofpleinlijn. Vanaf juli 1946 werd de mBC 9911 gebruikt om konvooien te rijden tussen de werkplaatsen van Leidschendam en Haarlem.

Na de oorlog werden de rijtuigen verdreven van hun stamlijn. De motorrijtuigen kwamen niet meer in aanmerking voor herstel in de elektrische dienst. De beschikbare motorrijtuigen hebben nog enkele jaren dienst gedaan als getrokken rijtuig, ontdaan van hun elektrische installatie. De getrokken rijtuigen werden tot in de jaren '50 ingezet in stoomtreinen en werden daarna afgevoerd. Het motorrijtuig mBC 9911 heeft tot 1957 dienst gedaan als konvooiwagen. Na zijn afvoer werd het rijtuig opgenomen in de collectie van het Spoorwegmuseum in Utrecht.


Onderhoud

Vanaf de instroom van de rijtuigen zijn zij in onderhoud in de werkplaats Leidschendam.


Revisie

Bijzondere uitvoeringen

  • De rijtuigen mB 9013 en mB 9014 werden in 1925 gebruikt in een proeftrein met een gelijkspanningsinstallatie voor 1.500 Volt. De rijtuigen werden hierbij vernummerd naar mB 9031 en mB 9032. Deze installatie is eveneens afkomstig van Siemens Schuckert Werke. De NS had inmiddels besloten om ook andere spoorlijnen te gaan elektrificeren. Dit waren onder andere de Oude Lijn en aanverwante spoorlijnen in Noord Holland. Men koos hiervoor om het modernere 1.500 Volt gelijkstroom te gebruiken in plaats van de 10.000 Volt wisselstroom, zoals die op de Hofpleinlijn werd gebruikt.


Wijzigingen

  • De rijtuigen mBC 5 en mBC 6 worden in 1922 verbouwd tot tweede klas rijtuig. Zij worden hierbij vernummerd naar mB 9013 en mB 9014, in aansluiting op de mB's 9001 - 9012.
  • In augustus 1925 worden de motorrijtuigen mB 9013 en mB 9014 uit de dienst genomen om voorzien te worden van een 1.500 Volt gelijkspanningsinstallatie van Siemens Schuckert Werke. Dit gebeurd in de hoofdwerkplaats Haarlem. Ook krijgen de rijtuigen nieuwe zwanehalsdraaistellen van Hawa met vier tractiemotoren. Tijdens deze ombouw wordt het interieur gewijzigd, zodat zij weer worden voorzien van een derde klas. Zij werden hierop afgeleverd als mBC 9031 en mBc 9032.
  • Op 15 april 1926 werd opdracht gegeven om de motorrijtuigen om te bouwen naar 1.500 volt gelijkspanning. Deze wijziging moest uitgevoerd worden voor de zomerdienst van 1927. De rijtuigen werden hierbij voorzien van nieuwe draaistellen en nieuwe motoren. De motordraaistellen waren van het zwanenhalstype M, dat ook gebruikt werd onder de motorrijtuigen Materieel'24, dat op dat moment in aflevering was. De tractiemotoren waren afkomstig van Heemaf of Vickers. Er werden per draaistel twee tractiemotoren geplaatst, gelijk aan de motorrijtuigen Materieel'24. De technische installatie werd eveneens vervangen, net zo als de stroomafnemers. De wagenbak werd zo veel mogelijk gedemonteerd en opnieuw opgebouwd. Tevens vond een aanpassing plaats aan het interieur en exterieur. De rijke details die de rijtuigen hadden, werden zo veel mogelijk weggelaten. De rijtuigen bleven hun groen\crème kleurstelling behouden. De rijtuigen zijn tussen april 1926 en juni 1927 verbouwd. In deze periode zijn de rijtuigen allemaal aan de kant gezet, gedeeltelijk in Scheveningen.
  • In 1927 worden de mB's 9010 - 9012 verbouwd tot mBD 9401 - 9403 en de C 8007 - 8009 verbouwd tot stuurstandrijtuig Ces 8041 - 8043.
  • In 1928 worden de rijtuigen mB 9031 en mB 9032 voorzien van een Heemaf tractie installatie. Bij deze verbouwing wordt de tweede stroomafnemer verwijderd. Tegelijkertijd worden zij ingericht tot mBC rijtuig.
  • In 1930 worden worden de mBC rijtuigen 9001 - 9009 verbouwd tot derde klas rijtuig mC 9900.
  • In 193 worden de rijtuigen mBC 9910 en mBC 9911 voorzien van een tweede stroomafnemer.
  • Vanaf 193 worden de rijtuigen geschilderd in het donkergroen, met zwarte biezen.


Ombouw van mBC naar mB

In 1922 worden twee rijtuigen mBC verbouwd en ingericht al geheel tweede klas rijtuig. Zij worden vast genummerd in de nummerserie mB 9000, zoals de mB rijtuigen vanaf januari 1923 genummerd zullen gaan worden.

Nummer mB Nummer mBC Ombouw in Aflevering/In dienst
mB 9013 mBC 5 1922
mB 9014 mBC 6 1922

Ombouw van mB naar mBD

In 1927 worden drie tweerijtuigstammen geformeerd voor de dienst tussen Den Haag Hollands Spoor en Scheveningen. Hiervoor werden drie mB's verbouwd tot mBD rijtuig serie 9950. Twee compartimenten worden vervangen door een bagage afdeling met een schuifdeur aan de buitenzijde.

Nummer mBD Nummer mB Ombouw in Aflevering/In dienst
mBD 9951 mB 9010
mBD 9952 mB 9011 1927
mBD 9953 mB 9012 1927


Ombouw van C naar Ces

In 1927 worden drie tweerijtuigstammen geformeerd voor de dienst tussen Den Haag Hollands Spoor en Scheveningen. Hiervoor werden drie C rijtuigen verbouwd tot stuurstandrijtuig Ces serie 8040. Aan een zijde werd een balkon ingericht als stuurstand.

Nummer C Nummer Ces Ombouw in Aflevering/In dienst
Ces 8041 C 8007
Ces 8042 C 8008 1927
Ces 8043 C 8009 1927


Ombouw van mB naar mBC

In 1928 worden de rijtuigen mB 9031 en mB 9032 verbouwd en ingericht tot mBC rijtuigen. Tegelijkertijd worden de tractie installatie van SSW vervangen door een tractie installatie van Heemaf. Tegelijkertijd werd een stroomafnemer verwijderd.

Nummer mBC Nummer mB Ombouw in Aflevering/In dienst
mBC 9010 mB 9031 1928
mBC 9011 mB 9032 1928


Ombouw van mBC naar mC

In 1930 worden de negen resterende 9 mBC rijtuigen verbouwd naar geheel derde klas rijtuigen. De rijtuigen worden genummerd mC 9901 - mC 9909

Nummer mC Nummer mBC Ombouw in Aflevering/In dienst
mC 9901 mBC 9001
mC 9902 mBC 9002
mC 9903 mBC 9003
mC 9904 mBC 9004
mC 9905 mBC 9009
mC 9906 mBC 9006
mC 9907 mBC 9007
mC 9908 mBC 9008
mC 9909 mBC 9009


Vernummeringen

Door de verbouwing van de mBC 5 en mBC 6 tot volledig tweede klas rijtuig in 1922, werden zij vernummerd in aansluiting op de bestaande tweede klas rijtuigen volgens de nieuwe NS nummering.

Nieuw nummer Oorspronkelijk nummer Datum
mB 9013 mBC 5 1922
mB 9014 mBC 6 1922

Bij de samenvoeging van het materieel van de SS en HSM werd al het bestaande materieel vanaf januari 1923 vernummerd in aaneensluitende series.

Nieuw nummer Oorspronkelijk nummer Datum
mBC 9001 BC 1 januari 1923
mBC 9002 BC 2 januari 1923
mBC 9003 BC 3 januari 1923
mBC 9004 BC 4 januari 1923
mBC 9005 BC 7 januari 1923
mBC 9006 BC 8 januari 1923
mBC 9007 BC 9 januari 1923
mBC 9008 BC 10 januari 1923
mBC 9009 BC 11 januari 1923
Nieuw nummer Oorspronkelijk nummer Datum
mB 9001 B 51 januari 1923
mB 9002 B 52 januari 1923
mB 9003 B 53 januari 1923
mB 9004 B 54 januari 1923
mB 9005 B 55 januari 1923
mB 9006 B 56 januari 1923
mB 9007 B 57 januari 1923
mB 9008 B 58 januari 1923
mB 9009 B 59 januari 1923
mB 9010 B 60 januari 1923
mB 9011 B 61 januari 1923
mB 9012 B 62 januari 1923
Nieuw nummer Oorspronkelijk nummer Datum
C 8001 C 101 januari 1923
C 8002 C 102 januari 1923
C 8003 C 103 januari 1923
C 8004 C 104 januari 1923
C 8005 C 105 januari 1923
C 8006 C 106 januari 1923
C 8007 C 107 januari 1923
C 8008 C 108 januari 1923
C 8009 C 109 januari 1923

In 1925 worden de mB rijtuigen 9013 en 9014 vernummerd, wanneer zij voorzien worden van een nieuwe gelijkstroom tractie installatie van SSW. Zij krijgen de nummers de mB 9031 en mB 9032.

Nummer mB Nummer mB Datum
mB 9031 mB 9013 1925
mB 9032 mB 9014 1925

In 1928 krijgen de motorrijtuigen mB 9031 en mB 9032 een tractie installatie van Heemaf. Zij worden gebruikt om de tweewagenstellen tussen Den Haag en Scheveningen te verlengen tot driewagenstellen.

Nummer mB Nummer mBC Datum
mBC 9010 mB 9031 1928
mBC 9011 mB 9032 1928

In 1930 krijgen de motorrijtuigen mBC 9010 en mBC 9011 nieuwe nummers.

Nummer mBC Nummer mBC Datum
mBC 9910 mBC 9010 1930
mBC 9911 mBC 9011 1930

Met de ombouw van de tractie installatie van 10.000 Volt naar 1.500 Volt in 1926, werd het materieel nogmaals vernummerd. De rijtuigen uit de serie mB 9010 - mB 9012 krijgen tegelijkertijd een bagageruimte ingebouwd.

Oorspronkelijk nummer Nummer vanaf 1927 Nummer vanaf 1932 Opmerkingen
BC 1 mBC 9001
BC 2 mBC 9002
BC 3 mBC 9003
BC 4 mBC 9004
BC 5 mB 9013
BC 6 mB 9014
BC 7 mBC 9005
BC 8 mBC 9006
BC 9 mBC 9007
BC 10 mBC 9008
BC 11 mBC 9009
Oorspronkelijk nummer Nummer vanaf 1927 Opmerkingen
B 51 mB 9001
B 52 mB 9002
B 53 mB 9003
B 54 mB 9004
B 55 mB 9005
B 56 mB 9006
B 57 mB 9007
B 58 mB 9008
B 59 mB 9009
B 60 mBD 9401
B 61 mBD 9402
B 62 mBD 9403


Bij de motorrijtuigen vindt het onderhoud plaats op basis van de afgelegde kilometers. In 1930 beginnen de Nederlandse Spoorwegen hun kilometeradministratie te automatiseren met behulp van mechanische telsystemen. Deze telsystemen kunnen echter geen onderscheid maken tussen letters maar wel tussen cijfers en dus dienden de motorrijtuigen een uniek nummer te krijgen. Om deze reden worden de motorrijtuigen in 1930 vernummerd.

Oorspronkelijk nummer Nummer vanaf 1930 Opmerkingen
mBC 9001 mC 9901
mBC 9002 mC 9902
mBC 9003 mC 9903
mBC 9004 mC 9904
mB 9013 mBC 9910
mB 9014 mBC 9911
mBC 9005 mC 9905
mBC 9006 mC 9906
mBC 9007 mC 9907
mBC 9008 mC 9908
mBC 9009 mC 9909
Oorspronkelijk nummer Nummer vanaf 1930 Opmerkingen
mB 9001 mB 9925
mB 9002 mB 9926
mB 9003 mB 9927
mB 9004 mB 9928
mB 9005 mB 9929
mB 9006 mB 9930
mB 9007 mB 9931
mB 9008 mB 9932
mB 9009 mB 9933
mBD 9401 mBD 9951
mBD 9402 mBD 9952
mBD 9403 mBD 9953


Schadegevallen

  • Op 9 maart 1944 wordt rijtuig mBD 9953 getroffen een warmloper en brandde hierdoor geheel uit. Het rijtuig stond op dat moment in Rotterdam Hofplein.


Afvoer

Door oorlogshandelingen werden in 19 een aantal rijtuigen afgevoerd. Zij waren dermatig beschadigd dat herstel niet meer lonend werd geacht of omdat zij nooit meer werden terug gevonden. Tevens werden een aantal rijtuigen aangewezen om dienst te doen als noodwoning als gevolg van de woningnood na de Tweede Wereldoorlog.


Sloop

In februari 1972 wordt door de oud bewoners van de mB 9925 begonnen met de sloop van dit rijtuig. Het rijtuig moet plaats voor uitbreiding van . Medio februari 1972 is het rijtuig gesloopt.


Gevolgen van de Tweede Wereldoorlog

Met uitzondering van de rijtuigen die bij het bombardement op Rotterdam Hofplein verloren waren gegaan en de mBD 9953, blijven alle rijtuigen tot aan de Spoorwegstaking van 17 september 1944. Na die dag is veel materieel naar Duitsland en Polen weggevoerd. Bijna alle rijtuigen die zijn weggevoerd, zijn min of meer beschadigd teruggekomen naar Nederland. Alle motorrijtuigen waren defect. Na de bevrijding waren slechts twee rijtuigen direct rijvaardig te maken. Dit waren de mBC 9911 en Ces 8043. De schade van de mBC 9911 bestond uit 25 kapotte ruiten, 11 uitgesneden zittingen, 8 uitgenomen tussenschotten, beschadigd remwerk en een meter ontbrak in de cabine. Het rijtuig wordt op 8 november 1945 hersteld afgeleverd. De schade aan de Ces 8043 bestond uit uitgesneden gordijnen en een los ventilatieraam. De cabine was intact gebleven. Op 29 oktober 1945 wordt dit rijtuig afgeleverd. De beide rijtuigen komen op 1 januari 1946 weer in dienst. De ruiten van rijtuig mBC 9911 zijn provisorisch hersteld met triplex en glas.


Bombardementen

  • Op 14 mei 1940 werd het station Rotterdam Hofplein getroffen door een Duits bombardement. Het station werd hierbij volledig verwoest, evenals het aldaar aanwezige materieel. Van het voormalige ZHESM materieel waren de rijtuigen mC 9902, mB 9928 en C 8003 aanwezig. Ook waren de voormalige HSM rijtuigen C 8020 en BC 8005 aanwezig. Deze waren door de HSM aan de ZHESM verhuurd.


Afvoer naar het oosten

In de Tweede Wereldoorlog zijn bijna alle rijtuigen afgevoerd naar het Oostblok. Het overgrote deel hiervan keerde beschadigd terug naar Nederland. Vier motorrijtuigen blijven vermist. Dit zijn de mC 9907, mBC 9910, mB 9926 en mBD 9952. De vier rijtuigen worden administratief in 1947 afgevoerd. De rijtuigen mC 9905, mC 9906, mB 9925, mB 9927, mB 9930 en mB 9933 maakten kans om hersteld te worden, maar vanwege hun houten constructie zijn de rijtuigen niet meer van die tijd. Ook de hoge kosten voor het herstel speelden een rol. Andere rijtuigen die niet meer in aanmerking kwamen voor herstel, werden in Maarn bij de zanderij verzameld en verkocht als noodwoning. Dit waren de rijtuigen mC 9901 (Bosch en Duin), mC 9903 (Huis ter Heide), mC 9904 (Maastricht), mC 9905 (Rijsoord), mC 9906 (Huis ter Heide), mC 9909 (Crailo), mB 9925 (Utrecht), mB 9927 (Den Dolder), mB 9929 (Crailo), mB 9930 (Feijenoord), mB 9931 (Amsterdam), mB 9932 (Gronsveld), mB 9933 (Amersfoort), Ces 8043 (Utrecht). Op deze manier werd getracht het tekort aan woningen na de Tweede Wereldoorlog te verminderen. Niet verkochte rijtuigen zijn alsnog gesloopt.


  • De mC 9901 keerde na de oorlog terug uit Duitsland, maar werd niet hersteld. Het rijtuig werd ontdaan van zijn draaistellen en als noodwoning geplaatst in Bosch en Duin.


  • De mC 9905 keerde na de oorlog terug uit Duitsland, maar werd niet hersteld. Het rijtuig werd ontdaan van zijn draaistellen en als noodwoning geplaatst in Rijsoord.
  • De mC 9906 keerde na de oorlog terug uit Duitsland, maar werd niet hersteld. Het rijtuig werd ontdaan van zijn draaistellen en als noodwoning geplaatst in Huis ter Heide.


  • De mB 9925 is op naar het oosten weggevoerd. Op 4 januari 1946 keert het rijtuig terug naar Nederland. De schade aan het rijtuig betrof kapotte ruiten en verwijderde zittingen. Het licht beschadigde rijtuig werd in Nijmegen neergezet met een aantal andere rijtuigen. Op 21 januari 1946 wordt het rijtuig naar Hoogkarspel overgebracht. Op 17 juli 1947 is het rijtuig naar Maarn overgebracht, samen met de . Op 19 oktober 1947 wordt het rijtuig naar Haarlem overgebracht voor eventueel herstel, waar later alsnog van wordt afgezien. Het rijtuig wordt officieel terzijde gesteld en keert terug naar Maarn. Het rijtuig wordt verkocht als noodwoning en eind 1949 wordt het nog van een gedeeltelijk van interieur voorziene rijtuig naar de Cartesiusweg in Utrecht overgebracht. Hier wordt het interieur uitgebroken en ingericht als woning. In 1967 is het rijtuig verplaatst als gevolg van de uitbreiding van de Spoorstaaf Las Inrichting. De nog onder het rijtuig aanwezige draaistellen worden hierbij gedemonteerd en naar Werkspoor gebracht. In februari 1972 is het rijtuig gesloopt.
  • De mB 9927 keerde na de oorlog terug uit Duitsland, maar werd niet hersteld


  • De mB 9930 keerde na de oorlog terug uit Duitsland, maar werd niet hersteld
  • De mB 9933 keerde na de oorlog terug uit Duitsland, maar werd niet hersteld


  • De mBD 9952 wordt in 194 weggevoerd richting Duitsland. Het rijtuig wordt in 1947 als vermist afgevoerd. In juni 1992 wordt het rijtuig echter gevonden in het Duitse Geestgottburg. Het rijtuig was tot 1976 in gebruik als werkwagen voor het baanonderhoud. Het rijtuig heeft hierbij het nummer 60 50 99 54 668-7 gekregen. In april 1993 wordt het rijtuig door het Nederlands Spoorweg Museum gekocht.


Museummaterieel

Van de 31 gebouwde rijtuigen, is er 1 bewaard gebleven in de originele toestand. Een rijtuig heeft jarenlang dienst gedaan als noodwoning en in 1990 wordt een vermist rijtuig in Duitsland terug gevonden.

  • Noodwoning

BC 1

Vlakbij de voormalige halte Bosch en Duin aan de voormalige spoorlijn De Bilt - Zeist is de voormalige mC 9901 geplaatst als noodwoning. De woning bevalt goed en stond er in 2009 nog. Van buiten is deze pionier van de elektrische tractie nog altijd duidelijk herkenbaar als een ZHESM-rijtuig. In april 2015 is het rijtuig alsnog gesloopt.


  • Spoorwegmuseum

Het spoorwegmuseum in Utrecht heeft de beschikking over 1 motorrijtuig. Daarnaast heeft het de mogelijkheid gekregen om een voormalig motorrijtuig uit Duitsland terug te laten keren, maar heeft daar van af gezien.

BC 6

Nadat de mBC 9911 in 1957 buiten dienst ging, werd het opgenomen in de collectie van het Spoorwegmuseum. In 1967 werd het rijtuig naar de Haarlemse werkplaats overgebracht om geschilderd te worden in het groen/crème uiterlijk, zoals het rijtuig dat in 1908 had. Het rijtuig werd tevens voorzien van de Jugendstil beschildering. In 1994 werd het rijtuig gerestaureerd en daarbij werd het zoveel mogelijk teruggebracht naar de toestand van 1908. Het interieur is in de oorspronkelijke uitvoering gebracht, evenals het schilderwerk. Technisch werd het rijtuig niet gerestaureerd, zodat het technisch in de staat van 1926 is gebracht. Het motorrijtuig is echter niet rijvaardig.


B 61

In juni 1992 werd door een treinkenner in het Oost Duitse Geestgottberg een voormalig ZHESM rijtuig ontdekt. Het rijtuig was als laatste gebruikt voor wegonderhoud. Het rijtuig heeft hierbij het nummer 60 55 99-54 668-7 gekregen. Het rijtuig is geheel ontdaan van interieur en tractie installatie. De grote ramen zijn vervangen door kleinere exemplaren. Het Spoorwegmuseum werd op de hoogte gesteld van de vondst. In april 1993 wordt het rijtuig door het museum gekocht. Op hun verzoek werd het rijtuig niet gesloopt en naar de firma Malowa in Klostermansfeld overgebracht in afwachting van transport naar Nederland. Door het museum worden ook draaistellen naar Duitsland overgebracht om het transport mogelijk te maken. Het is de bedoeling het rijtuig op te knappen en als bijwagen te combineren met het rijtuig BC 6. Door de hoge kosten van het transport en de staat van het rijtuig gaat dit plan echter niet door. In 1993 is het rijtuig overgebracht naar Helbra, op het emplacement van een gesloten kolenmijn. In 200 besluit het Spoorwegmuseum het rijtuig niet terug naar Nederland te halen. Het rijtuig voegt niets toe aan de collectie, omdat de nagenoeg identieke BC 6 ook in de collectie is opgenomen. De kans bestaat dat het rijtuig alsnog naar Nederland wordt overgebracht. In maart 2016 wordt bekend dat het rijtuig mogelijk een rol kan spelen bij het project om het station Rotterdam Hofplein weer gedeeltelijk in oude luister te herstellen. Een andere optie is dat het rijtuig elders op het viaduct wordt geplaatst. In het kader van dit project is het rijtuig in juni 2015 geïnspecteerd. Hierbij bleek dat de constructie (ijzeren onderstel en houten skelet) van het rijtuig nog in goede staat is. Het interieur zal geheel opnieuw gebouwd moeten worden. Bij een terugkeer in Nederland zal het rijtuig worden teruggebracht zoals het in 1926 is afgeleverd na de inbouw van een bagageafdeling. Deze werkzaamheden zullen uitgevoerd gaan worden op de Keilewerf. De Stichting Hofpleintrein Rotterdam sluit een langdurige bruikleen overeenkomst met het Spoorwegmuseum om het rijtuig voor dit project te mogen gebruiken. De stichting is verantwoordelijk voor de kosten om het rijtuig terug te halen. Deze bedragen € 16.500. Op 2 maart 2018 wordt bekend dat er voldoende geld is opgehaald om het rijtuig naar Rotterdam te halen. Het is de bedoeling om het rijtuig in het voorjaar van 2018 naar Rotterdam over te laten brengen. Deze planning wordt helaas niet gehaald. In het najaar van 2018 wordt bekend dat er voldoende geld is opgehaald om het rijtuig naar Nederland te halen. Op 5 oktober 2018 wordt er door het Spoorwegmuseum en de Stichting Hofpleintrein een bruikleenovereenkomst getekend. Het rijtuig is op 5 september 2018 uit Helbra weggehaald en naar overgebracht in afwachting van transport naar Nederland. Het rijtuig zal bij de SSN in Rotterdam worden opgeknapt. Op 21 juni 2019 zal het motorrijtuig in Rotterdam arriveren.


Afleverdata

Rijtuigen BC 1 tot en met BC 11

Nummer Aflevering In dienst Ter zijde Sloop(rit)
BC 1 januari 1908 1 oktober 1908 1948 april 2015
BC 2 februari 1908 1 oktober 1908 1940
BC 3 februari 1908 1 oktober 1908 1948
BC 4 februari 1908 1 oktober 1908 1948
BC 5 februari 1908 1 oktober 1908 1947 Vermist in WO II
BC 6 maart 1908 1 oktober 1908 1957 n.v.t. (Spoorwegmuseum)
BC 7 maart 1908 1 oktober 1908 1948
BC 8 maart 1908 1 oktober 1908 1948
BC 9 maart 1908 1 oktober 1908 1947 Vermist in WO II
BC 10 1911 1948
BC 11 1911 1948


Rijtuigen B 51 tot en met B 62

Nummer Aflevering In dienst Ter zijde Sloop(rit)
B 51 1908 1 oktober 1908 1948 februari 1972
B 52 1908 1 oktober 1908 1947 Vermist in WO II
B 53 1908 1 oktober 1908 1948
B 54 1908 1 oktober 1908 1940
B 55 1908 1 oktober 1908 1948
B 56 1908 1 oktober 1908 1948
B 57 1908 1 oktober 1908 1948
B 58 1908 1 oktober 1908 1948
B 59 1908 1 oktober 1908 1948
B 60 1908 1 oktober 1908 1946
B 61 1914 1947 n.v.t. (Spoorwegmuseum)
B 62 1914 maart 1944


Rijtuigen C 101 tot en met C 109

Nummer Aflevering In dienst Ter zijde Sloop(rit)
C 101 1908 1 oktober 1908 1946
C 102 1908 1 oktober 1908 november 1954
C 103 1908 1 oktober 1908 1940
C 104 1908 1 oktober 1908 1952
C 105 1908 1 oktober 1908 1953
C 106 1908 1 oktober 1908 1951
C 107 1908 1 oktober 1908 1953
C 108 1908 1 oktober 1908 1953
C 109 1908 1 oktober 1908 1951