FLIRT 3 (R-net)

Uit Somda RailWiki
Naar navigatie springenNaar zoeken springen

Voor inzet van de R-Net concessie tussen Alphen aan den Rijn en Gouda vanaf 11 december 2016 besteld NS Reizigers 6 nieuwe treinstellen FLIRT 3. In 2015 is het eerste treinstel geleverd. De plan-, project- of codenaam is TAG (Trein Alphen-Gouda).


Geschiedenis

In 2001 publiceren de Zwitserse spoorwegen (SBB) een aanbesteding voor het leveren van nieuw materieel voor de Stadtbahn Zug (12 stuks) en de Regio-S-Bahn Basel (30 stuks). De treinstellen moeten vierdelig worden. In de aanbesteding zijn alleen functionele eisen opgenomen. De treinstellen voor Basel moeten ook toegelaten worden in Duitsland, omdat in dit netwerk twee lijnen, S5 en S6, over Duits grondgebied lopen. Stadler schrijft zich in voor deze aanbesteding, zonder dat er een treinstel is. In 200 wordt door Stadler deze aanbesteding gewonnen. In een periode van 20 maanden wordt door Stadler een nieuw treinstel ontwikkeld, het type FLIRT (Flinker Leichter Innovativer Regional Triebzug). Het treinstel is gebaseerd op de GTW, maar is niet voorzien van een apart ´powerpack´. Zo komt de kopvorm van de eerste generatie FLIRT overeen met dat van de GTW. Het ´powerpack´ van de GTW kent twee nadelen. De doorloop in dit ´powerpack´ wordt verstoord door de smalle gang en de trapjes om het volgende rijtuig te kunnen bereiken. Daarnaast is de maximale lengte bij één ´powerpack´ gesteld op drie rijtuigen. Bij meer rijtuigen moet er een extra ´powerpack´ worden toegevoegd. Daarnaast verstoord het de doorkijk door het treinstel, wat bijdraagt aan een verminderde sociale veiligheid. Bij de nieuwe treinstellen wordt de aandrijfmodule geplaatst boven de aangedreven einddraaistellen. Dit heeft een positieve invloed op de adhesie, wat de acceleratie van het treinstel ten goede komt. De vloer in het reizigersgedeelte kan hierdoor over de gehele lengte laag worden gehouden. Door de aandrijving in het treinstel te integreren is het mogelijk om langere treinstellen te formeren. Het eerste treinstel, de RABe 521 001, is begin juni 2004 gereed en maakt op 4 juni 2004 zijn eerste proefrit.

Het treinstel staat bekend om zijn snelle optrekken, de hoge remkracht en het lage gewicht. Deze treinstellen zijn gebouwd voor een snelheid van 160 kilometer per uur. Op basis van dit treinstel is een modulair concept ontwikkeld, waarbij vele uitvoeringen mogelijk zijn. Na dit succes in Zwitserland, worden ook treinstellen verkocht aan Algerije, Duitsland, Estland, Finland, Hongarije, Italië, Noorwegen, Polen, Tsjechië, Servië, Wit-Rusland en Zweden. De treinstellen voor Estland zijn voorzien van een dieselunit. De treinstellen voor Noorwegen en Zweden zijn gebouwd voor een snelheid van 200 kilometer per uur en hebben een ander design gekregen. In Tsjechië rijdt LEO Express met zeer luxueuze treinstellen. In 2013 kreeg het treinstel een update, zodat het treinstel weer voldoet aan de Europese eisen qua botsnormen. Het treinstel krijgt een nieuw design en voldoet beter aan de normen voor botsveiligheid. De eerste treinstellen na deze aanpassingen zijn in 2013 verkocht aan de Duitse vervoerder Meridian.


Rond 1990 worden door de provincie Zuid-Holland plannen ontwikkeld om het autoverkeer in de regio van Leiden te beteugelen. Dit verkeer stond steeds vaker vast als gevolg van het groeiend aantal auto's. Door de provincie wordt een plan ontwikkeld voor een doorgaande lightrail verbinding tussen Gouda via Alphen aan den Rijn naar Leiden. In Leiden zal de lijn gesplitst worden in een deel naar Katwijk en een deel naar Noordwijk. Dit plan wordt bekend als de RijnGouwelijn. Het materieel dat op deze lijn dienst zou gaan doen, zou gebruik gaan maken van de bestaande spoorlijn tussen Gouda en Leiden. In Leiden en naar de kust toe, zou er een nieuwe tramlijn worden aangelegd. Het materieel dat hier moet rijden, is een tram-trein. Dergelijk materieel wordt ook in Duitsland ingezet in de regio Karlsruhe. Vooruitlopend op de inzet van dit materieel, wordt vanaf maart 2003 in samenwerking met de HTM een proef gehouden met dergelijke voertuigen tussen Gouda en Alphen aan den Rijn. Door de HTM worden zes trams van het type A32 gekocht van het Stockholmse Storstockholms Lokaltrafik gekocht. De proef duurt tot december 2009. Vooral in Leiden waren er veel protesten tegen de aanleg van deze tramlijn, ondanks dat in 2011 een minder rigoureus plan werd gepresenteerd, waarbij de bestaande spoorlijn blijft behouden en in Leiden een vrije busbaan zal worden aangelegd. In de toekomst bestaat de mogelijkheid om deze busbaan te verbouwen tot tramlijn. Ook dit plan vindt geen doorgang en op 15 mei 2002 wordt het hele project geannuleerd. De aanbesteding van de treindienst tussen Gouda en Alphen aan den Rijn wordt echter wel in gang gezet. Op 10 oktober 2013 kon begonnen worden met bieden op de concessie. De biedingen moesten uiterlijk 10 februari 2014 worden ingediend. Op 4 april 2014 wordt bekend dat de combinatie van NS Reizigers en Abellio Rail NRW in het samenwerkingsverband R-net de concessie voor Alphen aan de Rijn – Gouda heeft gewonnen. De concessie loopt vanaf 11 december 2016 en heeft een looptijd van 15 jaar. De andere deelnemer voor de concessie was Arriva.

Abellio Rail NRW bestelt 6 tweewagentreinstellen FLIRT 3 van Stadler. De treinen worden gebouwd bij de Stadler-vestiging in Bussnang (Zwitserland). Door EGP worden de treinstellen naar Bad Bentheim gebracht. De aflevering van de treinen gebeurt in Nederland onder leiding van Strukton van Bad Bentheim naar Leidschendam. Op 3 december 2015 arriveert de 2010 in Bad Bentheim achter de EGP V200 221 1. De Strukton G 1206 303008 brengt het treinstel naar Leidschendam. In de nacht van 18 op 19 december 2015 reed het treinstel tussen Leidschendam en Maarn Goederenemplacement voor het eerst toelatingsritten als eerste treinstel van dit type in Nederland. In de nachten daarop reed het treinstel op dat traject nog meer testritten. Op 6 januari reed de 2010 voor het eerst ritten tussen Lelystad Centrum en Zwolle. In januari 2016 was het treinstel nog vaker te zien op de Hanzelijn. Op 25 januari 2016 arriveert het tweede treinstel, de 2011, achter de Strukton G 1206 303001. In februari en maart 2016 maakt dit treinstel proefritten. Op 24 februari 2016 arriveert de 2012 achter de wegens locomotieftekort voor Strukton rijdende VolkerRail V100 203-1. Op 30 maart 2016 zijn er voor het eerst in Nederland gekoppelde treinstellen te zien. De 2010 en 2011 rijden hierbij op de Hanzelijn. In de avond van 12 april 2016 arriveert de 2013 in Bad Bentheim. In de ochtend van 13 april 2016 wordt het treinstel door de Strukton G1206 303001 overgebracht naar Leidschendam. Op 30 maart 2016 worden er voor het eerst toelatingsritten gereden met gecombineerde FLIRT 3'en. De 2010 en 2011 rijden ritten tussen Lelystad Centrum en Zwolle. Ook worden er proefritten gereden met drie gekoppelde treinstellen. Zo rijden de 2010 + 2011 + 2012 op 13 en 14 april 2016 proefritten op de Hanzelijn en keren terug naar onderhoudsbedrijf Leidschendam Op 27 juli 2016 arriveren de laatste twee treinstellen in Nederland achter de 303008 van Strukton. Op 2 augustus 2016 gaan de treinstellen 2010, 2011, 2012 en 2013 naar het Duitse Wildenrath. Hier worden de treinstellen gewogen. Op 5 augustus 2016 keren de treinstellen terug naar Nederland. Vanaf 5 september 2016 worden er afnameritten verreden door de 2010, 2011 en 2012. Zij beginnen in Zwolle en rijden via Deventer naar Amersfoort. Een week later rijden de 2013, 2014 en 2015 deze ritten. In november 2016 worden ervaringsritten gereden met het materieel, waarbij er tot Zwolle gereden wordt. Op 16 november 2016 vindt de perspresentatie plaats van het materieel in de werkplaats Leidschendam.


Technische gegevens


Afb-TAG-1.png

toelatingsgegevens spoorwegvoertuig
Typegegevens
Voertuigtype Stadler Flirt 3 TAG
Nummers spoorwegvoertuig 2010 − 2015
Voertuigcategorie Elektrisch tweewagentreinstel (El2)
EVN / NVR en Configuratie 94 84 4 960 001 – 006 (Bk)
94 84 4 961 001 – 006 (ABk)
Fabrikant Stadler Bussnang AG, CH-9565 Bussnang (TG)
Maximale treinsamenstelling tot drie treinstellen in multiple bedrijf
Basisgegevens van het type
Lengte over de koppelingen 45.700 mm
Aantal assen / Configuratie 6 / 2' 2' Bo'
Nominale wieldiameter (min./max.) 693 mm (min.)
Hart op hart draaistellen 17.600 mm
Asafstand binnen draaistel 2500 mm (kopdr.) / 2700 mm (jakobdr.)
eigen totaal gewicht (leeg / beladen) 81,4 t / 98,5 t
Aslast (leeg/beladen)
Tonmetergewicht (leeg)
Soort remsysteem R-A-E-Mg (D) ep; Stadler-Dako; Pneumatische remmen
Remgewicht (leeg/beladen) 101 kN / 120 kN
Technisch maximum snelheid 140 km/h
Infra eigenschappen
energievoorziening 1.500 V DC
omgrenzingsprofiel G1
baanvakbelastingcategorie: C2
treindetectlesystemen: geschikt voor alle detectiesystemen
treinbeïnvloedingssysteem: ATB EG met VV-functionaliteit en ATB NG

De treinstellen hebben een lengte van 45,700 meter, een breedte van 2,820 meter en een hoogte van 4,120 meter. Tussen de draaistellen hebben de bakken een lengte van 17,60 meter. Het gewicht is van een treinstel is 81 ton. De tweedelige treinstellen hebben 20 zitplaatsen eerste klas en 83 zitplaatsen tweede klas. Er zijn 12 klapzittingen en handgrepen. Het treinstel is voorzien van twee tractie motoren van . Elke tractiemotor heeft een vermogen van kW ( pk). Het treinstel heeft een totaal vermogen van ( pk). De tractiemotoren zijn geplaatst in het draaistel onder de . De treinstellen hebben een maximumsnelheid van 160 km/h, maar zij zijn toegelaten voor een snelheid van 140 kilometer per uur. De vloer bevindt zich op 78 centimeter hoogte. De stellen hebben ATB-EG en zijn voorbereid op inbouw van ERTMS. De treinstellen zijn geschikt voor 1,5 kV gelijkstroom. De fabrikant van de remmen is Dako en de remopschriften zijn DK-R-A-E-Mg. De treinstellen krijgen de nummers 2010 - 2015.


Uitvoering

De rijtuigen zijn opgebouwd uit een aluminium bodemplaat, met daarop de zijwanden en het dak gelast. In het dak zijn kabelgoten aangebracht om alle kabels weg te werken. Elk rijtuig is voorzien van twee zwenk/zwaaideuren van 1,3 meter breed. De treinstellen zijn voorzien van elektronische koersrollen. De treinstellen zijn voorzien van twee stroomafnemers, type . Deze zijn geplaatst op de mB. Onder de cabine's zijn de treinstellen geplaatst op eigen draaistellen. De overige bakken rusten op gezamenlijke draaistellen. De front- en sluitseinen zijn aan de onderzijde van het raam geplaatst. Het bovenste frontsein is boven het raam geplaatst. Tussen dit frontsein en het raam is een bestemmingsdisplay geplaatst. Onder de frontseinen zijn de crashbuffers geplaatst, met daar tussen de Scharfenberg-koppeling.

Op het dak bevinden zich de tractie- en luchtapparatuur. Hierdoor kunnen defecte delen makkelijk vervangen worden door nieuwe of gereviseerde delen. Door het plaatsen van de apparatuur op het dak, is een lage vloer verkregen in het treinstel. Hierdoor kan er makkelijker ingestapt worden door mensen die moeite hebben met een hoge instap. Elk rijtuig is voorzien van twee balkons, welke korte afstand van elkaar geplaatst zijn, zodat er snel in- en uitgestapt kan worden. Tussen de deuren zit 3 of 4 ramen, afhankelijk van de bakovergang. De koprijtuigen hebben vanaf het laatste balkon tot aan de cabine 2 ramen. Tussen deze ramen en de cabine bevindt zich een gangpad met aan weerszijden kasten met elektronica. De deuren liggen gelijk met de zijwand, zodat een glad geheel verkregen wordt aan de zijkant. Omdat de ramen uitgevoerd zijn als een raam, zorgt voor dit gladde uiterlijk. Slechts enkele ramen zijn uitgevoerd als klapraam. Dit dient als noodventilatie. De deuren worden centraal gesloten door middel van luchtdruk. De machinist kan tijdens een stop de deuren aan een zijde vrijgeven, terwijl de andere zijde gesloten blijft. De conducteur kan met een sleutel alle deuren tegelijkertijd sluiten. Het treinstel is niet voorzien van cabinedeuren, zodat de machinist door de trein moet lopen om zijn werkplek te bereiken. In de cabine nog een raam te vinden, zodat de machinist ook op zij kan kijken.

Het interieur bestaat een stalen frame met daarop losse stoelen. De eersteklasstoelen hebben en de tweedeklasstoelen hebben . De klapzittingen zijn grijs met een gekleurd motief. Het treinstel is in de voorzien van loungebanken. Prullenbakken zijn geplaatst op de balkons. Hier kan afval gescheiden worden in papier, plastic en restafval. Bij de zitplaatsen zijn geen prullenbakken. In het midden van het dak is de tl-verlichting opgehangen. Onder elke bank is een stopcontact en een aansluiting voor USB-stekkers. Het treinstel is voorzien van wifi. Het treinstel is voorzien van 17 schermen voor het reisinformatiesysteem. In de mB is een rolstoelvriendelijk toilet geplaatst. Dit toilet is een gesloten systeem, zodat niet op het spoor geloosd wordt. Tegenover het toilet is ruimte om fietsen en een scootmobiel neer te zetten.

De besturing van het treinstel geschied door middel van een schakelpook. Door de elektrische en pneumatische verbindingen in de Scharfenbergkoppelingen kan het in treinschakeling rijden met andere treinstellen. De maximale gekoppelde lengte bedraagt hierbij rijtuigbakken. De treinstellen zijn voorzien van ATB en zijn voorbereidt om onder ETCS te kunnen rijden. De tractie-installatie is geschikt voor 1.500 volt gelijkspanning van de bovenleiding.

De treinstellen zijn donkergrijs met zwarte omlijsting rondom de ramen. Het dak en het gedeelte rondom de cabine is rood, net als de deuren. Op de voorkant en boven de draaistellen (bij het middendraaistel linksboven) bevinden zich het lichtgrijze R-net-logo. Tussen de deuren bevindt zich de lichtgrijze tekst 'Reizen met zekerheid van R-net door NS'.

Voor de draaistellen is gebruik gemaakt van Jacobsdraaistellen. Voor de primaire vering van de draaistel is gebruik gemaakt van schroefveren. De secundaire vering bestaat uit elliptisch gevormde bladveren en schroefveernesten. Het remsysteem is elektropneumatisch. Hierbij zorgen elektrische signalen voor het bedienen van de remcilinders met ingebouwde remverstellers. De remcilinders zorgen er voor dat de remschijven op de wielband worden gedrukt of er los van komen. De elektrische aansturing zorgt er voor dat de trein sneller en gelijkmatiger remt, ongeacht de lengte van de trein. Als remkraan wordt gebruik gemaakt van de schakelpook.

El2


ABk


mBk



Inzet

Met ingang van december 2016 gaan de treinstellen rijden tussen Gouda en Alphen aan den Rijn in de serie 8600. Het is de bedoeling om een kwartierdienst te rijden tussen de beide plaatsen. Doordat Prorail de noodzakelijke wijzigingen aan het baanvak nog niet heeft uitgevoerd, kan er nog niet ieder kwartier gereden worden. De serie 8700 zal daarom voorlopig niet rijden. Twee van de zes treinstellen zijn reserve. De wijzigingen zullen pas in het najaar van 2017 gereed zijn, waardoor het mogelijk is om met een hogere snelheid de stations van Boskoop en Alphen aan den Rijn binnen te komen en te vertrekken. Voor de dienst in de serie 8600 zijn vier treinstellen nodig. Deze worden paarsgewijs ingezet. De twee andere treinstellen zijn nodig voor de serie 8700. Door kinderziekten met het materieel wordt de treindienst geregeld uitgedund of zelfs gestaakt. De treindienst wordt dan door bussen vervangen. Met ingang van wijzigingsblad van september 2017 zal er vier keer per uur gereden gaan worden, zoals al in december 2016 was gepland.

De dienstregeling van 2018 heeft 6 diensten voor de treinstellen. Deze zijn verdeeld over de serie 8600 (Gouda - Alphen aan den Rijn, 4 diensten) en 8700 (Gouda - Alphen aan den Rijn, 2 diensten). In de spits wordt met dubbele treinstellen gereden, buiten de spits rijden zij los. De twee treinstellen die buiten de spits niet nodig zijn, staan opgesteld op spoor 30 in Gouda.


Onderhoud

De treinstellen krijgen hun onderhoud in het onderhoudsbedrijf Leidschendam.


Inzet per dienstregelingjaar

De inzet per dienstregeling jaar in de serie en eventuele bijzonderheden:


Revisie

Bijzondere uitvoeringen

Wijzigingen

Vernummeringen

Schadegevallen

Bakwisselingen

Afvoer

Sloop

Museummaterieel

Afleverdata

Nummer Aflevering In dienst Terzijde Sloop(rit)
2010 3 december 2015
2011 25 januari 2016
2012 24 februari 2016
2013 13 april 2016
2014 27 juli 2016
2015 27 juli 2016