Bosch en Duin

Uit Somda RailWiki
Naar navigatie springenNaar zoeken springen

Bosch en Duin was de naam van het station in de provincie Utrecht. De verkorting was Bed.

Geschiedenis

Het station van Bosch en Duin wordt aan de linkerzijde van de spoorlijn gebouwd. Aan deze zijde wordt ook het perron aangelegd. Het haltegebouw heeft eerder dienst gedaan in Zeist bij 't Rond als tramstation. Het haltegebouw wordt ingericht met een dienstruimte voor het stationspersoneel, een goederenloods, een hal waar de treinkaartjes werden verkocht en een wachtkamer. Naast dit gebouw is de retirade geplaatst. Op 1 mei 1907 is het station geopend. In september 1912 is een tweede perron aangelegd in verband met de spoorverdubbeling. Op 13 september 1935 wordt de halte gesloten als blokpost. In 1941 is het gebouw verplaatst naar de Baarnseweg, waar het dienst deed als woning. In 2007 is het gebouw gesloopt. Na de Tweede Wereldoorlog zijn er nabij het voormalige station 5 rijtuigen neergezet, die gebruikt worden als noodwoning.


Laad- en losplaats

Aan de westzijde van het stationsgebouw is een laad- en losspoor aangelegd met een zijlading. Dit is in 1909 gerealiseerd. Na de opbraak van het oostelijke spoor van de spoorlijn in 1942 blijft het wissel naar de laad- en losplaats aangesloten op het oostelijke hoofdspoor. Met twee s-bogen wordt het westelijke spoor bereikt. In 1947 zijn ook de laatste restanten opgebroken.


Spoorlijnen

Het station was gelegen aan de spoorlijn naar Zeist bij kilometerpunt 2,800.


Dienstregeling

Vanaf 1901 rijden er treinen per dag. De treinen bestaan uit een stoomlocomotief van de serie NCS 30 - 39, NCS 41 - 50, NCS 61 - 65 en NCS 90, 91. Deze trekken gemiddeld rijtuigen. De zware treinen worden gereden door een van de twee locomotieven 90 of 91. Zij rijden ook de doorgaande treinen naar Amsterdam. De twee locomotieven blijven tot 1911 op de spoorlijn te zien, waarna zij naar Zwolle verhuisden. Na sluiting van het depot Zeist, worden de treinen gereden door locomotieven van het depot van Utrecht. Dit zijn locomotieven uit de serie 5500. Met het ingaan van de zomerdienstregeling 1933 rijden ook locomotieven van de serie 5700 en 5800 op de spoorlijn. Nadat in 1941 de spoorlijn is gesloten voor reizigersvervoer, worden de diensten van de stoomlocomotieven gesteld vanuit Amersfoort. Vanuit hier worden de goederentreinen gereden door locomotieven van de serie 3700, 4000, 4300 en 6100. Omdat er geen grote draaischijf was op de spoorlijn, kwam het voor dat een van de twee ritten met tender voor gereden moest worden. Vanaf 195 nemen diesellocomotieven de diensten over van de stoomlocomotieven.