Avmz - Rijtuigen Avmz

Uit Somda RailWiki
Naar navigatie springenNaar zoeken springen

Door het opheffen van de zitrijtuigenpoule ten behoeve van de EuroCity's, welke door de nieuwe ICE-treinstellen gereden gaan worden, ontvangt de NS tien rijtuigen van het type Avmz111.5 van de Deutsche Bahn.

Geschiedenis

Tussen 1962 en 1975 worden voor de TEE-treinen in Duitsland in totaal 266 rijtuigen met zijgang en negen afdelingen gebouwd en geleverd door Wegmann. Deze rijtuigen komen in dienst als type Avmh-62. Later verandert de aanduiding van deze rijtuigen naar Avmz111.5. Vanaf 1971 worden deze rijtuigen ingezet in het normale IC-verkeer in Duitsland. Vanaf 1987 worden de rijtuigen ingezet in het nieuw opgerichte EuroCity-netwerk, als opvolger van het TEE-netwerk.

In 2000 worden alle getrokken EuroCity-treinen tussen Nederland en Duitsland vervangen door ICE-treinstellen van de Baureihe 406. NS krijgt hierbij 10 rijtuigen Avmz111.5 toegewezen, welke tussen 1973 en 1975 zijn gebouwd. De eerste vijf geleverde rijtuigen zijn in de Duitse werkplaats van Neumünster donkerblauw geschilderd en komen in mei en juni 2000 aan in Nederland. De vijf overige rijtuigen worden vanaf mei 2001 geleverd door de werkplaats Neumünster en hebben hierbij al een interieurrevisie ondergaan. De vijf eerder geleverde rijtuigen worden in de daarop volgende maanden naar Neumünster overgebracht voor interieurrevisie. In eerste instantie gaan de rijtuigen rijden in de OverNight Express tussen Amsterdam en Milaan. Na het ter ziele gaan van deze trein en het opheffen van de nachttreinen naar Praag, worden de rijtuigen aan de kant gezet. Een enkele keer worden zij ingezet in gezelschapstreinen. Eind oktober 2006 neemt NS Reizigers de rijtuigen over van NS Internationaal om ze in te zetten met geleasede ICL-rijtuigen in de treinserie 1500 (Amsterdam Centraal – Amersfoort – (Deventer)). In deze periode worden de toiletten van de rijtuigen afgesloten, omdat NedTrain geen mogelijkheid heeft om de vacuümtoiletten te kunnen legen. De rijtuigen krijgen de stamnummers 19250 – 19259, oftewel het verkorte NVR-nummer. Als eerste stromen de rijtuigen 19-90 254, 19-90 256, 19-90 258 en 19-90 259 in april 2007 in. In juni 2007 arriveren de rijtuigen 19-90 250, 19-90 252, 190 255 en 19-90 257. In augustus 2007 wordt het rijtuig 19-90 251 afgeleverd. In september 2007 wordt het laatste rijtuig afgeleverd, de 19-90 253. In april 2010 wordt deze inzet beëindigd en keren de rijtuigen terug naar Duitsland, waar ze worden gereviseerd en als Bvmz111.5-rijtuig worden ingezet in het Intercity-verkeer.

Technische gegevens

De rijtuigen hebben een lengte van 26,4 meter en een gewicht van 45 ton. Een rijtuig beschikt over 54 zitplaatsen. De rijtuigen zijn toegelaten voor een maximumsnelheid van 200 km/h. De rijtuigen hebben een RIC-toelating en zijn pontwaardig.

Uitvoering

De rijtuigen zijn opgebouwd uit een bodemplaat, welke bestaat uit profielen. Het bakgeraamte is opgetrokken uit . Het bakgeraamte en het onderstel zijn als uitgevoerd en in zijn geheel gelast. De koppen zijn vlak en het dak loopt recht af naar beneden. De apparaten onder de rijtuigbak zijn beschermd door afgeronde schortplaten. De koppen zijn voorzien van drukdichte vouwbalgen, om reizigers ook bij hogere snelheden veilig van het ene naar het andere rijtuig te kunnen laten lopen. Op een derde zijn de sluitseinen aangebracht. De onderste opstaptreden van de balkondeuren zijn opklapbaar uitgevoerd. De ruiten in de rijtuigen zijn sterk getint, zodat het felle zonlicht niet makkelijk binnen dringt.

De bovenste laag van de vloer is een laag linoleum.

De rijtuigen worden elektrisch verwarmd. Onder het rijtuig wordt de lucht verwarmd door middel van elektriciteit en onder de banken het rijtuig ingeblazen. De elektrische verwarming is geschikt voor 1500 en 3000 volt gelijkspanning en 1000 volt wisselspanning. Voor de koeling zijn de rijtuigen voorzien van airconditioning. Om bij problemen met de airconditioning toch verkoeling te krijgen, zijn alle ramen in de coupés en toiletten uitgevoerd als klapraam, waarvan het bovenste deel geopend kan worden. Aan de gangzijde zijn de twee toiletramen en drie grote ramen uitgevoerd als klapraam.

Bij de aflevering van de eerste vijf rijtuigen zijn zij donkerblauw geschilderd. Het bovenste deel van het dak, de instaptreden en de schortplaten zijn in een lichte kleur grijs geschilderd. De draaistellen zijn zwart geschilderd. De rijtuigen zijn verder niet voorzien opschriften of biezen. De rijtuigen die in 2001 afgeleverd worden, zijn in een lichtere kleur blauw geschilderd en voorzien van een donkergrijs dak. De schortplaten en instaptreden zijn in een lichtere kleur grijs geschilderd. De draaistellen zijn zwart. Onder de ramen verschijnt een gele sierstreep en onder het eerste raam aan de linkerzijde wordt het NS-logo in het wit aangebracht. Na de opknapbeurt in 2006 en 2007 worden de rijtuigen in de geel-blauwe kleuren geschilderd. De rijtuigbak is geel, met een blauwe band rondom de ramen. Onder de ramen is een gele streep voor de eerste klas aangebracht. Onder het eerste raam wordt een blauw NS-logo geplaatst en tussen het kleine en grote raam wordt de eersteklassticker geplakt.

De draaistellen zijn Minden-Deutz type 36 en ook elektrisch gelast. De aspotten zijn voorzien van rollagers. De draaistelcode van de draaistellen is .

Het interieur bestaat uit negen coupés met zes zitplaatsen. Deze coupés zijn te bereiken via een zijgang, welke via de eindbalkons door een klapdeur is te bereiken. Op elk balkon is een toilet geplaatst. De wand tussen coupé en zijgang is in glas uitgevoerd. In de coupés zijn stopcontacten geplaatst voor 220 volt. De stoelen zijn bekleed met donkerblauwe stof met motief. De stoelen zijn verstelbaar. Naast de stoelen zijn de armleuningen geplaatst en onder het raam is een klein tafeltje. Boven de stoelen is een rekje gehangen met een leeslampje en daarboven is het bagagerek geplaatst. In de zijgang zijn onder een paar ramen vuilnisbakken geplaatst.

Inzet

Vanaf 28 mei 2000 vindt er inzet plaats in de OverNight Express van Amsterdam naar Milaan in de treinen 208 en 209. De rijtuigen vormen een trein samen met de gehuurde slaaprijtuigen MUn van Wagons-Lits, de couchetterijtuigen Bcvmh, de buffet/restauratierijtuigen WR, de restauratierijtuigen WR en de vrachtrijtuigen Dm. Er zijn twee stammen geformeerd zodat dagelijks heen en weer gereden kan worden. Op deze manier werd er geprobeerd om het vervoer per slaaptrein nieuw leven in te blazen. NS Internationaal werkte op deze verbinding samen met Railion. In de vrachtrijtuigen werden lichte goederen vervoerd, zoals bloemen. Zo werd een snelle en comfortabele verbinding geboden. Deze verbinding zou als proef dienen en bij succes zou het concept worden uitgerold naar andere steden. De reizigers voor deze treinen konden alleen in Amsterdam Centraal opstappen.

Vanaf 2001 worden de rijtuigen ingezet in de nachttreinen 370/371 Amsterdam Centraal – Praag en de Ardennen Express 1138/1139 Amsterdam Centraal – Luxemburg. Op 27 oktober 2001 rijdt de OverNight Express voor het laatst vanwege tegenvallende resultaten. Dit wordt vooral veroorzaakt door het achterblijvende goederenvervoer. Railion besluit om te stoppen met de trein en NS Internationaal kan de trein dan niet meer rendabel inleggen en besluit de trein op te heffen.

In 2002 rijden de rijtuigen alleen nog in de nachttreinen naar Praag. Als gevolg van heftige regenval en overstromingen in augustus, rijden de treinen vanuit Amsterdam niet verder dan Leipzig. Vanaf 9 september 2002 is het mogelijk om via een omweg naar Dresden te rijden. Vanaf 13 oktober 2002 gooit NS Internationaal de handdoek in de ring en heft de verbinding op. Per 15 december 2002 zou de verbinding al opgeheven gaan worden. Het treindeel naar Berlijn blijft echter wel doorrijden tot 14 december 2002. Deze treinen rijden voor DB Nachtzug. Ook de treinen 1138/1139 naar Luxemburg worden opgeheven. Na deze datum worden de rijtuigen op de Watergraafsmeer gestald in afwachting van betere tijden.

In 2003 gloort er hoop voor de rijtuigen en worden enkele rijtuigen ingezet door The Train Company, die zij gebruikt in de bedevaarttreinen naar Lourdes. In augustus 2003 worden zeven rijtuigen ingezet tussen Amsterdam Centraal en Emmerich ter vervanging van enkele defecte ICE-treinstellen.

Eind augustus 2004 worden 9 van de 10 rijtuigen naar Duitsland overgebracht. De rijtuigen worden gebruikt om gezelschapstreinen te rijden voor Arnold Kühn Eisenbahn-Erlebnisreisen vanuit Frankfurt am Main naar onder andere Warschau, Frankfurt am Oder en bestemmingen in Oostenrijk. De rijtuigen rijden samen met Rheingold-rijtuigen en een locomotief Baureihe 103. Regelmatig werd hier voor de 103 184 gebruikt. De huur van de rijtuigen eindigde op 19 september 2004 en op 27 september 2004 keerden de rijtuigen via Venlo terug naar de Watergraafsmeer. Op 28 oktober 2004 worden twee rijtuigen gebruikt om het meetrijtuig 88-70 021 te presenteren. Getrokken door locomotief 1302 werd er een rit gereden vanuit naar 's-Hertogenbosch, Tilburg, Arnhem en Utrecht. In 's-Hertogenbosch vond de naamgeving van het WR-rijtuig plaats.

In 2005 worden de rijtuigen niet ingezet.

In 2006 gloort er weer hoop voor de rijtuigen, als NS Internationaal de rijtuigen in wil gaan zetten voor de slaaptreinen. Er wordt echter gekozen voor de inzet van rijtuigen van de DB. De NS besluit om vanaf dienstregeling 2007 de rijtuigen zelf in te gaan zetten en laat hiervoor de rijtuigen reviseren in de werkplaats van Neumünster. De rijtuigen zullen ingezet gaan worden met van de DB geleasede rijtuigen.

Vanaf 10 december 2006 rijdt de eerste stam geleasede rijtuigen in de serie 1500 (Amsterdam – Amersfoort (– Deventer)). Vanwege het nog niet beschikbaar zijn van de Avmz en Bimdz rijtuigen, wordt een ICK BD in de stam opgenomen. Een compositie is als volgt samengesteld: Bimz + Aimz + Bimdz + ICK BD + Bimz + Bimz + Aimz + Bimz. Aan weerszijden van de compositie is een locomotief serie 1700 en/of 1800 geplaatst. Met ingang van het wijzigingsblad van 16 april 2007 verandert de samenstelling van de composities. De stammen worden vergroot van 8 naar 9 rijtuigen en een Aimz wordt vervangen door een gereviseerde Avmz. De stam was nu als volgt samengesteld: Bimz + Aimz + Bimdz + Bimz + Bimz + BD + Bimz + Bimz + Avmz. De eerste rijtuigen worden op 24 april 2007 ingezet. Op 16 juni 2007 worden de rijtuigen 19-90 250 en 19-90 252 gebruikt als begeleidingsrijtuigen voor de Koninklijke trein voor de opening van de Betuweroute. De rijtuigen zijn kort daarvoor afgeleverd door de werkplaats Neumünster. Rijtuig 19-90 255 zou eigenlijk ook meerijden, maar deze had koelwaterlekkage.

Op 9 december 2007 begint de dienstregeling 2008. Hierbij wordt het inzetgebied van de rijtuigen vergroot. De rijtuigen komen te rijden in de serie 2000 (Den Haag Centraal – Arnhem (– Nijmegen)). Incidenteel worden de stammen ingezet om defecte ICE treinstellen te vervangen tussen Amsterdam Centraal en Emmerich. Met ingang van het wijzigingsblad van 25 augustus 2008 worden de laatste ICK BD-rijtuigen vervangen door Bimdz rijtuigen met verbrede deuren. De stammen worden na in het in rangeren van deze rijtuigen opnieuw samengesteld, zodat er bij het driehoeken van de stam geen veranderende samenstelling op de baan wordt gestuurd. De samenstelling van de stammen is dan als volgt: Aimz/Avmz + Bimz + Bimz + Bimz + Bimdz + Bimz + Bimz + Bimz + Aimz/Avmz. De rijtuigen Bimz kunnen ook van het type Bim zijn.

De dienstregeling 2009 begint op 14 december 2008. Hierbij zijn de rijtuigen te zien op de Flevolijn in de serie 14300 (SchipholLelystad). Met ingang van het wijzigingsblad van 2 februari 2009 wordt een stam minder ingezet. Deze wordt aan de kant gezet. Het is een stam die ingezet wordt in de serie 14300. Met ingang van het wijzigingsblad van 14 juni 2009 worden de stammen teruggetrokken uit de serie 1500. De rijtuigen zijn vanaf dat moment alleen nog te zien in de serie 14300. Dit houdt in dat twee stammen ieder een slag maken in de ochtend- en avondspits. Tussen de spitsen staan de stammen over op Hoofddorp Opstel. Het wijzigingsblad van 7 september 2009 maakt ook aan deze inzet een einde en daarmee komen alle rijtuigen voorlopig terzijde te staan.

De dienstregeling 2010 laat een ongeplande inzet zien van de rijtuigen. Door het winterweer raakt veel materieel defect en is daardoor niet inzetbaar. Om het tekort aan materieel te verminderen worden de rijtuigen weer in dienst gesteld. Op 18 januari 2010 is de eerste inzet van de rijtuigen in de serie 3500 (Maastricht – Schiphol). Zij rijden in de treinen 3528 en 3559. Al snel daarna worden de rijtuigen ingezet in de serie 1900 (Den Haag CentraalVenlo). Voor deze twee diensten zijn in totaal vier composities van rijtuigen beschikbaar. Door de instroom van hersteld materieel gaat de eerste compositie medio februari 2010 al weer aan de kant. Met het ingaan van het wijzigingsblad van 12 april zullen de laatste stammen aan de kant gaan. In de praktijk rijden de stammen op 30 maart 2010 voor het laatst en worden aan de kant gezet. In de daarop volgende maanden worden de rijtuigen terug geleverd aan de Deutsche Bahn als onderdeel van het direct beëindigen van de leaseovereenkomst met de ICL-rijtuigen.

Inzet per dienstregelingsjaar

  • 2000/2001: 208/209 (OverNight Express; Amsterdam Centraal-Milaan)
  • 2001/2002: 208/209 (OverNight Express; Amsterdam Centraal-Milaan), 370/371 (Amsterdam Centraal-Praha hl.n.), 1138/1139 (Amsterdam Centraal-Luxemburg)
  • 2003: n.v.t.
  • 2004: n.v.t.
  • 2005: n.v.t.
  • 2006: n.v.t.
  • 2007: 1500 (vanaf 16 april 2007)
  • 2008: 1500, 2000
  • 2009: 1500, 14300
  • 2010: 1500, 1900, 3500

Onderhoud

De rijtuigen krijgen hun dagelijks onderhoud in de werkplaats Watergraafsmeer. Voor het grotere onderhoud rijdt er elke week een trein van de Watergraafsmeer naar Venlo en Neumünster. Met deze trein worden ook beschadigde rijtuigen uitgewisseld.

Revisie

De rijtuigen 19-90 250 – 19-90 254 worden na de aflevering van de rijtuigen 19-90 255 – 19-90 258 terug gestuurd naar Neumünster. Hier krijgen de rijtuigen een interieurrevisie. De rijtuigen worden na deze revisie geschilderd in de lichtblauwe kleur, zoals ook de later afgeleverde rijtuigen zijn geschilderd.

Voor de inzet met de rijtuigen ICL worden de rijtuigen in werkplaats Neumünster gereviseerd. Het interieur wordt opgeknapt en de rijtuigen worden hierbij in de NS-kleuren geschilderd. Tijdens deze revisie zou er een coupé omgebouwd gaan worden tot conducteursruimte, maar dit vond geen doorgang. In de plaats daarvan werden ICK BD-rijtuigen ingezet of een ICL Bimdz. In januari 2007 vertrokken er twee rijtuigen en in februari 2007 vier van de Dijksgracht. Op 17 maart 2007 worden vier rijtuigen van de Watergraafsmeer naar Amersfoort gebracht door de 6474 met twee vrachtrijtuigen Dm 92-99 067 en Dm 92-99 068. Twee dagen later, op 19 maart 2007, worden de rijtuigen door de 1611 naar Roosendaal gebracht. De rijtuigen worden doorgevoerd naar de Kijfhoek om vanaf daar naar Neumünster te gaan. Op 20 april 2007 arriveerden een week te laat de vier rijtuigen 19-90 254, 19-90 256, 19-90 258 en 19-90 259 in Venlo met ICL-rijtuigen. De volgende dag, op 21 april 2007, werden ze overgebracht naar de Watergraafsmeer door de 1732. Op 14 juni 2007 kwamen de drie rijtuigen 19-90 250, 19-90 252 en 19-90 255 aan in Venlo met ICL-rijtuigen. De Avmz-rijtuigen werden in Eindhoven afgehaakt voor inzet in de koninklijke trein. Op 16 juni 2007 werden de rijtuigen op de Watergraafsmeer geplaatst door de 1768.

In 2008 krijgen de rijtuigen een cascorevisie. De revisie vindt plaats in Neumünster.

Wijzigingen

  • Na aankoop door NS Reizigers is de deursluiting gewijzigd van de rijtuigen.
  • Begin 2008 kreeg rijtuig 19-90 257 als eerste Avmz-/ICL-rijtuig een wijziging aan het deurslot in onderhoudsbedrijf Maastricht. Het slot heeft in navolging van de ICK-rijtuigen een pin ontvangen.

Afvoer

Nadat de laatste treinen naar Praag en Luxemburg hebben gereden in 2002, worden de rijtuigen op de Watergraafsmeer aan de kant gezet in afwachting van betere tijden. In 2003 lijkt er een opleving te komen als enkele rijtuigen worden ingezet in bedevaarttreinen van The Train Company. Deze maatschappij blijkt echter niet in staat om de rijtuigen te kopen. In augustus 2003 worden zeven rijtuigen tijdelijk ingezet tussen Amsterdam en Emmerich om defecte ICE's te kunnen vervangen. Na deze vervanging staan de rijtuigen weer stil op de Watergraafsmeer. In september 2004 worden de rijtuigen enkele weken in Duitsland ingezet. Na terugkeer worden de rijtuigen weer op de Watergraafsmeer geparkeerd. Eind 2004 wil het Zwitserse iXotic de rijtuigen overkopen met DF 92-70 051, waar alle onderdelen in liggen. Op 18 november 2004 werd de koop geëffectueerd, maar de firma krijgt de financiering niet rond, zodat de koop uiteindelijk niet doorgaat, ondanks een tweede poging die succesvoller lijkt. Op 28 november 2005 worden de afgevoerde rijtuigen overgebracht van de Watergraafsmeer naar Amersfoort Bokkeduinen. De rijtuigen moeten op de Watergraafsmeer plaats maken voor de bouw van een nieuwe werkplaats. Op 9 oktober 2006 worden alle rijtuigen naar de Dijksgracht gebracht door de 1501. Op 20 oktober 2006 komt een private Poolse firma met Plan V 474 van Haarlem naar de Dijksgracht om de rijtuigen te bezichtigen. De koop lijkt door te gaan, maar dan neemt eind oktober 2006 NS Reizigers de rijtuigen over. Op 2 november 2006 werden de vijf rijtuigen 19-90 252 + 19-90 254 + 19-90 258 + 19-90 257 + 19-90 255 door de 1761 naar de Watergraafsmeer gebracht. Op 29 november 2006 werden de overige vijf rijtuigen 19-90 250, 19-90 251, 19-90 253, 19-90 256 en 19-90 259 naar de Watergraafsmeer gebracht. De rijtuigen worden op de Watergraafsmeer dienstvaardig gemaakt.

In september 2009 worden de rijtuigen afgevoerd, nadat het reizigersvervoer flink gedaald is. De leaseconstructie met de ICL-rijtuigen wordt beëindigd, maar de rijtuigen zullen nog niet in 2009 terugkeren naar Duitsland. In de winter van 2010 worden de rijtuigen weer opnieuw ingezet als gevolg van een hoge defectenstand bij het overige materieel. Op 30 maart 2010 wordt na 2 maanden de rijtuigen weer aan de kant gezet en keren alle rijtuigen terug naar Duitsland. De Avmz-rijtuigen keren op 29 april 2010 terug naar Duitsland, in Nederland achter de 1746. Hier worden de rijtuigen verbouwd en geschilderd tot tweedeklasrijtuig en ingezet als Bvmz111.5 in intercitytreinen in Duitsland.

Afleverdata

NS-nummer DB-nummer Aflevering In dienst In revisie Uit revisie In revisie Uit revisie Terzijde Naar Duitsland
61 84 19-90 250-6 61 80 19-90 155-1 9 mei 2000 19 augustus 2001 29 juli 2008 29 april 2010
61 84 19-90 251-4 61 80 19-90 164-3 12 mei 2000 8 augustus 2001 23 september 2008 29 april 2010
61 84 19-90 252-2 61 80 19-90 207-0 18 mei 2000 14 september 2001 7 augustus 2008 29 april 2010
61 84 19-90 253-0 61 80 19-90 180-9 24 mei 2000 15 augustus 2001 18 augustus 2008 29 april 2010
61 84 19-90 254-8 61 80 19-90 172-6 5 juni 2000 21 september 2001 5 mei 2008 29 april 2010
61 84 19-90 255-5 61 80 19-90 158-5 29 mei 2001 29 mei 2001 29 juli 2008 29 april 2010
61 84 19-90 256-3 61 80 19-90 183-5 8 juni 2001 8 juni 2001 17 april 2008 29 april 2010
61 84 19-90 257-1 61 80 19-90 159-3 21 juni 2001 21 juni 2001 6 juni 2008 29 april 2010
61 84 19-90 258-9 61 80 19-90 187-4 11 juli 2001 11 juli 2001 16 april 2008 29 april 2010
61 84 19-90 259-7 61 80 19-90 169-2 18 juli 2001 18 juli 2001 30 mei 2008 29 april 2010